Over wat ons gelukkig maakt, Vincent Duindam, Zinweb

Wat ons gelukkig gemaakt, een verkenning

Aan de hemelpoort wordt ons niet gevraagd of we wel ‘braaf’ genoeg geweest zijn, maar of we de guts hebben gehad iets van ons leven te maken. Vincent Duindam verkent datgene waardoor wij ons gelukkig kunnen voelen.

“Wanneer de dag des oordeels aangebroken zal zijn, dan zult u ook moeten verklaren waarom u niet alle mogelijkheden die er waren om gelukkig te zijn hebt aangegrepen.”

– De Jeruzalemse Talmud

Dus aan de hemelpoort wordt ons niet gevraagd of we wel ‘braaf’ genoeg geweest zijn, maar of we de guts hebben gehad iets van ons leven te maken. Wat een verfrissende kijk van een oud boek.

Een heel goede vraag die God ons zal stellen. En hopelijk hoeven we niet het antwoord te geven dat de schrijver Borges aan het eind van zijn leven gaf: “ik heb de grootste zonde begaan die maar mogelijk is: ik heb verzuimd om gelukkig te zijn.”

Hoe gaan wij dit aanpakken? Zoveel mogelijk geld verdienen? Beroemd worden? Alle zintuigelijke ervaringen opdoen die maar te koop zijn? Van bungee jumping tot second love?

Wij komen nooit verder dan van hysterische ellende ‘gewoon ongeluk’ maken.

Want wát maakt ons gelukkig? En kunnen we wel gelukkig worden? Wat zeggen psychologen daarover? Freud was niet optimistisch. Zijn idee was dat wij nooit verder konden komen dan van hysterische ellende ‘gewoon ongeluk’ maken. Dat is wel pover. Maar meer zat er volgens hen niet in. De mens was (biologisch) gebouwd op driftbevrediging en die moest in de samenleving toch binnen de perken gehouden worden. Dat doet onvermijdelijk pijn –en dat moeten we accepteren. Wat gaf volgens Freud dan nog zin of betekenis aan het leven? Hij noemde: liefde, werk en roesmiddelen (in zijn geval een dikke sigaar).

Liefde en werk, het zijn natuurlijke grote thema’s in ons leven. En misschien kunnen we optimistischer zijn dan Freud. Waar Freud uitging van ‘losse’, geïsoleerde individuen, die eigenlijk nog moesten leren om ‘sociaal’ te worden, weten we inmiddels dat kinderen al ‘sociaal’ worden geboren, en dat verbondenheid en deel uitmaken van een groter geheel wezenlijk zijn voor mensen.

Je verbonden weten met anderen, hen helpen, iets voor ze doen, draagt niet alleen bij aan het geluk van anderen, maar ook aan ons eigen geluk.

Op dit eenvoudige gegeven gegeven is een compleet nieuwe tak van de psychologie gebaseerd: de positieve psychologie. Ernst Bohlmeijer, de Nederlandse expert, vertelt in het Handboek Positieve psychologie de volgende anecdote:

“Misschien hebben we de positieve psychologie als serieuze stroming te danken aan Nikki, de vijfjarige dochter van psycholoog Martin Seligman. Ergens in 1997 is hij de rozen in zijn tuin aan het snoeien, terwijl zijn dochter er een spel van maakt om het aangeharkte onkruid in de lucht te gooien. Seligman reageert geïrriteerd. Dan zegt Nikki iets van ‘kortgeleden ben ik gestopt met zeuren en huilen. Dat was erg moeilijk om te doen. Maar als ik dat kan, dan moet jijkunnen stoppen met mopperen.’ En die spontane opmerking geeft de beroemde onderzoeker van oorzaken van depressies nieuwe inspiratie. Drie jaar later schrijven Seligman en Csikszentmihalyi (2000) een introductie op de positieve psychologie. Zij pleiten voor een radicale verandering in de psychologie. Het onderzoek zou zich meer moeten gaan richten op de vraag wat de mechanismen en processen zijn van optimaal functioneren van individuen, van relaties en samenlevingen in plaats van alleen op de mechanismen van hun disfunctioneren.”

“De beste manier om jezelf op te vrolijken is om te proberen iemand anders op te vrolijken”, zei Mark Twain

Zodra je meer betrokken raakt bij anderen, verdwijnt je neerslachtigheid

De meditatieleraar Eknath Easwaran heeft hier een mooie verklaring voor. Jezelf minder centraal stellen en je richten op anderen, kan de dwangmatige focus op je eigen gedachten die in een kringetje ronddraaien doorbreken. Wanneer je in een sombere stemming dreigt te belanden, kan de oorzaak hiervan zijn dat je ‘mind’ over zichzelf is gaan piekeren. Wat je eerst opwindend vond, laat je nu koud. We zijn, zou je kunnen zeggen, dicht gegaan. Als een vriendin iets zegt, dringt het niet tot ons door. En bij het kijken naar een film raken we de draad kwijt. We gaan volkomen op in de spiegelzaal bij ons binnen; daarin dwalen we rond, terwijl wij zelf en iedereen om ons heen de meest bizarre vormen aanneemt. Wanneer je merkt dat je je down begint te voelen, zijn er, volgens Easwaran, een paar dingen die je kunt doen. Al verzet alles in je zich op dat moment daartegen, helpt het je om het gezelschap van anderen op te zoeken, om met ze samen te werken, om jezelf ertoe te zetten actief belangstelling te voelen voor wat ze doen en zeggen. Doordat je je aandacht op die manier naar buiten richt, pieker je niet meer over jezelf. En zodra je meer betrokken raakt bij anderen, verdwijnt je neerslachtigheid; je bent weer tot leven gekomen.

Jezelf inzetten voor een groter doel dan je “kleine” zelf (de wensen, voorkeuren en afkeer die je op dit moment hebt) helpt je om je te openen voor verbinding. En dat is dé manier om in contact te komen met een meer authentiek zelf, onder de oppervlakkige lagen van waar je nu wel of geen zin in hebt.

Jonge ouders die net een kind hebben, merken dat hun wereld verandert. Natuurlijk is er niet alleen ‘de roze wolk’, het kan ook hectisch zijn en misschien zijn er korte nachten. Maar heel veel ouders zijn zó gelukkig met hun kind dat psychologen dit een soort ‘verliefdheid’ (engrossment) noemen. Zou dit hiermee te maken kunnen hebben dat je niet langer zelf het middelpunt van je wereld bent, maar dat er een kind is gekomen voor wie je mag zorgen?

En ook in je werk kan het bevrijdend zijn, wanneer het niet puur om materiële zaken, geld verdienen, roem of ego draait. Enthousiasme gaat stromen, wanneer mensen zich kunnen inzetten voor een groter doel. Wanneer je kinderen in derdewereldlanden een beter bestaan kunt geven, bijdraagt aan duurzaamheid, etc.

In de VPRO docu vinden we hiervan schitterende voorbeelden: een koekjesfabriek in New York. Niet in eerste instantie opgezet om geld mee te verdienen, maar om mensen aan werk te helpen die weinig perspectief hadden (bv ex-gedetineerden). De vreugde straalde eraf. Mensen ondersteunen elkaar, geven elkaar tips en bemoedigen elkaar. En juist op die manier van betekenis te kunnen zijn , maakt ze gelukkig.

Eleanor Roosevelt zegt: “Happiness is not a goal; it is a by-product.“

Dus: wat kan ons gelukkig maken? Natuurlijk zijn geld en materiële zaken, tot op zekere hoogte, van belang. Maar je verbondenheid met anderen realiseren, brengt je naar een dieper niveau van jezelf. En geeft ook een meer permanente vreugde. Hoe kan ik dat omschrijven? “Bestendig geluk aan uw zijde” (psalm 16) komt misschien het dichtst in de buurt.

Foto: Filip George @Freeimages.com

Vincent Duindam
Vincent Duindam is psycholoog. Zijn onderzoek naar ‘zorgende vaders’ werd erg bekend. Op dit moment verbindt hij inzichten uit zowel de positieve psychologie als de grote spirituele tradities met de thema’s ouderschap, onderwijs en relaties.
0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *