Verslag Inspiratiedag 2015 (deel I)

Op 18 april vond in de Jacobikerk in Utrecht de Inspiratiedag 2015 plaats. Dit is een evenement georganiseerd door de vrijzinnig protestantse organisaties samen. Een verslag in twee delen. In dit eerste deel aandacht voor de optredens van Sara Kroos en Christien Brinkgreve.

Vraag en Antwoord

Als eerste treedt cabaretière Sara Kroos op, die de sfeer van de zaal weet om te spitten en iedereen wat weet op te peppen. Ze draagt enkele gedichten en liedjes voor. De liedjes zijn sterk persoonlijk, en zetten zo ook de toon van openhartigheid. Kroos slaagt er waarschijnlijk zo in alle aanwezigen te inspireren ook open te zijn om hun eigen verhalen te delen, bijvoorbeeld tijdens de workshops.

Tijdens de gedichten maakt Kroos ook graag gebruik van de nimmer falende truuc van vraag-en-antwoord. Het is bijvoorbeeld aan de zaal om de rijmwoorden aan het eind van de zinnen van een gedicht dat Kroos voorleest in te vullen. Een goede oefening in participatie met wat truucjes van verwarring. Ze weet het publiek goed mee te krijgen en aan het lachen te maken. Het opent de dag goed.

Sarah Kroos tijdens haar optreden

Wat is er aan de hand?

Na Kroos is het de beurt aan Christien Brinkgreve. Voor haar verhaal kiest zij de val van haar moeder als vertrekpunt. Die val van haar al oude moeder bleek ingrijpend en niet zonder gevolgen. Men kan daar medisch en technisch naar kijken, maar, zo vraagt Brinkgreve zich af: “Waarom gebeurt zoiets? Wat is er eigenlijk aan de hand?”

Brinkgreve geeft te kennen dat wij een behoefte kennen om van ingrijpende gebeurtenissen begrijpelijke verhalen voor onszelf te maken. Verhalen helpen om betekenis te geven. Het kan antwoorden bieden op vragen als “Waar ben ik? Wie ben ik? Wat is er aan de hand?” Verhalen bieden zo de mogelijkheid om greep te krijgen op een situatie na ingrijpende veranderingen.

Elke tijd kent zijn taal

Brinkgreve geeft te kennen dat elke tijd ook zijn eigen taal kent om een eigen verhaal in uit te drukken. Ze vergelijkt als voorbeeld zichzelf met haar moeder. Haar moeder gaf te kennen dat ze zich op de opvoeding van haar kinderen stortte, en daarna “uitgeput” was, ingestort, om het zo te zeggen. In de ogen van Brinkgreve is dat een tragedie, omdat de devotie van haar moeder persoonlijke ontplooiing misschien in de weg heeft gezeten. Haar moeder heeft zich misschien wel niet volledig kunnen ontwikkelen omdat ze het zo druk had voor anderen te zorgen.

Dat is echter de taal van de generatie van Brinkgreve zelf, niet die van haar moeder. Haar moeder richtte zich meer op verantwoordelijkheid en zorgzaamheid. Binnen die kaders is er van tragedie geen sprake. Zo heeft iedere generatie een eigen vocabulaire, samenhangend wellicht met een eigen groot Verhaal – in het geval van Brinkgreve is dat het Verhaal van de persoonlijke ontwikkeling en de psychologische reflectie. Het zijn die grote Verhalen die ook de beleving van het eigen verhaal kunnen bepalen.

Zijn er vandaag de dag nog wel grote verhalen? Misschien niet. Maar het kan noodzaak zijn om samen na te denken over wat het volgende grote Verhaal zou kunnen zijn. Al was het maar om het sluipend dominante Verhaal van de vrije markt en het neoliberalisme, met het eigenbelang als hoogste goed, een alternatief te bieden.

Luisteren naar elkaars verhaal

Brinkgreve legt uit dat de noodzaak van het vaststellen van een eigen verhaal vaak begint bij ingrijpende gebeurtenissen. Het kan om een nieuw gevonden liefde gaan, maar vaak richt het zich juist ook op verlies. Een naaste kan komen te overlijden of er kan sprake zijn van echtscheiding. Dat verandert dan ook jou. Opeens ben je niet meer “de man van” of “de moeder van.” Die identiteit wordt opgeschrikt. Een verhaal moet dan een nieuwe identiteit helpen stichten.

Verhalen zijn er niet alleen voor jezelf. Verhalen doen ook dienst als communicatiemiddel. Het kan gezien worden als een manier om jezelf uit te drukken, maar Brinkgreve schuwt het woord “verbinden” tegelijkertijd niet. Het gaat er dan om te luisteren naar elkaars verhaal, elkaar proberen te begrijpen, misschien ook sympathie leren hebben voor andermans situatie. Het vertellen van verhalen kan zo haast als ritueel om tot verbinding te komen voorgesteld worden. Het is een oproep die in de galmende Jacobi kerk bij veel harten van de aanwezigen waarschijnlijk zal resoneren.

Christien Brinkgreve tijdens haar verhaal

Foto’s: Johan Tempelaar.

Lees ook deel II van dit verslag.

Lucas van Heerikhuizen
Lucas van Heerikhuizen is afgestudeerd als master in de godsdienstwetenschappen. Momenteel is hij werkzaam als webdeveloper en WordPress docent. Tevens is hij actief als redacteur voor Zinweb.
0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *