Van Sigmund Freud tot Viktor Frankl(2)

Viktor Frankl (1905-1997)

De Weense neuroloog en psychiater Viktor E. Frankl, wiens vrouw, ouders en broer in concentratiekampen omkwamen, overleefde zelf drie concentratiekampen. Een enorme schok was dat men hem het manuscript (zijn ‘eerste geesteskind,’zoals hij het later zelf noemde) dat hij in de voering van zijn jas had verstopt, afnam en vernietigde. Na zijn bevrijding herschreef hij het, waarna het boek onder de titel The Doctor and the Soul (From Psychotherapy to Logotherapy) bij Random House, New York verscheen. 

Nadien schreef Frankl nog 25 boeken, met als bekendste: Man’s Search for meaning, dat in 32 talen werd vertaald en waarvan er wereldwijd 9 miljoen exemplaren werden verkocht. De Nederlandse vertaling verscheen onder de titel: De zin van het bestaan.*

In een interview dat hem op negentigjarige leeftijd werd afgenomen, komen wij veel te weten over de ideeën van Frankl, maar weinig over de persoon zelf. ‘Toen ik hem trof in de Universiteit van Wenen toonde hij anders dan ik had verwacht. Dr. Frankl oogde heel gezond. Hij wilde alleen niet dat er foto’s van hem werden genomen, want de flits deed pijn aan zijn falende ogen. Voor de rest voerde hij de regie, maakte grapjes, sloeg met zijn vuist op tafel om iets te beklemtonen, vertelde anekdotes over Freud en liep zo nu en dan naar het schoolbord om iets te illustreren over “dimensionale ontologie” of de “tragische sortering” van het leven.’

Vanzelfsprekend kwam in het interview zijn vinding, de logotherapie, aan de orde. ‘Frankl legde uit dat wat een filosoof en een krankzinnige gemeen hebben de zekerheid is, dat geluk bereikt kan worden door er fanatiek naar te streven, om dan in woede te ontsteken over onbevredigende resultaten. Het woord dat hij hiervoor gebruikt is “hyperintentie” – de neiging die slechts openbaart wat gewoonlijk het echte probleem is: ons eigen egocentrisme. “Alles kan een mens worden afgenomen, behalve één ding: dat we zelf onze houding bepalen in een gegeven reeks van omstandigheden; onze eigen weg kiezen. De gezonden zijn degenen die deze last aanvaarden en geen geluk verwachten omdat ze er recht op hebben.” Aldus Frankl’s eigen logotherapie, waarin het lijden niet wordt gezien als een obstakel voor geluk, maar vaak als een noodzakelijk middel om het te vinden.

Het was bijna tijd om te vertrekken, dus vroeg ik hem naar zijn eigen spirituele overtuigingen. Frankl vertelde mij dat lezers onveranderd nieuwsgierig zijn om te weten of hijzelf in God gelooft. En inderdaad, het eerste dat men opmerkt bij het betreden van zijn appartement is een vrij groot crucifix in de hal. (Mevrouw Frankl is katholiek). In De zin van het bestaan schrijft hij: “De ervaring die voor de thuiskomende mens van alle ervaringen de kroon spant, is het heerlijke gevoel dat hij, na alles wat hij heeft doorstaan, niets en niemand meer te vrezen heeft – behalve zijn God.” ’

Gelukkig heeft Frankl nog tientallen jaren zijn logotherapie in praktijk kunnen brengen. Bij deze therapie wordt ervan uitgegaan dat de grootste behoefte van de mens niet de behoefte aan geldelijk gewin of status is, maar dat hij de zin van zijn bestaan vindt.

‘Logotherapie onderscheidt zich van andere therapieën doordat de therapeut niet in het verleden graaft van cliënt, maar hem confronteert met de problematiek in zijn huidige situatie; in die zin heeft logotherapie raakvlakken met de cognitieve behandelwijze.

De therapie heeft als uitgangspunt dat iedereen zichzelf en het eigen bestaan in een zinvol verband wil begrijpen. Dit “begrijpen” heeft meerdere kanten: het is zowel cognitief, intuïtief als gedragsmatig. En betreft dus zowel de manier van denken en voelen als van doen. Maar wanneer iemand er niet in slaagt zichzelf in een zinvol verband te begrijpen, ontstaat gemakkelijk een “existentiële frustratie.” Die kan de voedingsbodem zijn voor allerlei stoornissen, zoals neurosen, depressiviteit, criminaliteit en verslaving. Maar het omgekeerde is gelukkig ook het geval. Door een hervonden zinvol bestaan ontstaan nieuwe energie en moed om de stoornissen weer om te zetten in gezondheid, flexibiliteit en motivatie.’***

In De zin van het bestaan schrijft Frankl: ‘De massaneurose van deze tijd, het existentiële vacuüm, zou men een persoonlijke vorm van nihilisme kunnen noemen, want nihilisme is de bewering dat het leven zinloos is.’ En nadat het kampleven een absoluut dieptepunt had bereikt: ‘Een drastische verandering in onze houding tegenover het leven was dringend noodzakelijk. Wij moesten eerst onszelf en vervolgens de wanhopigen onder ons leren, dat het er niet zozeer toe doet wat wij van het leven verwachten, dan wel wat het leven van ons verwacht.’

Maar wat verwacht het leven dan van ons? Dat wij er zijn. In het echt. Meer niet.

    *De zin van het bestaan, Ad. Donker bv., Rotterdam, 1978

   **Interview door Matthew Scully, in First Things nr. 52 van April 1995.

  ***Uit: Logotherapie en Existentiele Analyse; ngvh.nl/algemene folder Logotherapie, htm  

Afbeelding: Prof. Dr. Franz Vesely/wikimedia commons

Helen Knopper
0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *