Van lichaamstaal naar lesmateriaal

Wie nalaat het gedrag van mensen te observeren, komt voor verrassingen te staan. Je denkt: dit had ik toch niet van die persoon verwacht. Aan de andere kant viel het wel te verwachten van iemand die je al een tijdje kent.

Gedrag anticiperen is een kunst die je jezelf kunt aanleren. Daarbij geldt als eerste vereiste dat je iemands gedrag nauwlettend observeert. Mocht je er nog niet helemaal zeker van zijn of je het goed hebt gezien, dan kan verstandelijke controle achteraf zijn nut bewijzen. Want dankzij dit onderzoek ben je er niet alleen achter gekomen dat de persoon in kwestie er een vast gedragspatroon op nahoudt, maar dientengevolge ook dat je met je eerdere observaties de spijker op de kop geslagen hebt. Op grond van de wetenschap dat je onderzoek vruchtbare resultaten heeft opgeleverd, bevind je je ten opzichte van de wederpartij in een voordelige positie. Je weet nu immers waar zijn handelwijze vandaan komt. Iemands gedrag anticiperen is minstens zo voordelig. In de eerste plaats kom je dan niet meer bedrogen uit en in de tweede plaats ben je niet al te zwaar teleurgesteld. Je had het van te voren toch al aan zien komen? 

Informatie over iemands manier van doen is te verkrijgen door goed te kijken. Zo kun je al veel te weten komen als je ziet hoe een persoon zijn kom soep leeg lepelt. Wat doet hij? Steekt hij voorzichtig zijn lepel in de kom en neemt hij de soep met kleine teugjes? Houdt hij de kom vlak onder zijn kin en slurpt hij de soep naar binnen? Laat hij de kom op tafel staan en lepelt hij met grote snelheid achter elkaar door tot de kom leeg is?

Hoe valt dit alles te duiden? Objectiviteit bestaat niet, aangezien subjectieve emoties altijd meespelen. Toch is goed kijken een stap in de goede richting. Om over de soepeter meer informatie in te winnen, zou de volgende stap kunnen zijn dat je, met terugwerkende kracht, probeert na te gaan of zijn manier van soep lepelen overeenkomt met ander gedrag van hem. Het gaat hier dus weer om verstandelijke controle achteraf. Reculer pour mieux sauter, en dan maar hopen dat het kwartje valt. 

Je zit met iemand op de bank en begint over een heikel onderwerp, waarvan het heikele een kritische noot betreft ten aanzien van je gesprekspartner. Hoe denk je dat hij de kritiek opneemt? Is je vraag beantwoord , als hij eerst een eindje opschuift, dan de ellebogen op zijn knieën zet, beide handen op zijn hoofd legt en de ogen sluit?

Wil je achter de waarheid komen? Dan moet je kijken waar je gesprekspartner zijn handen laat, wat hij met zijn voeten doet. Heb je het vermoeden dat hij zit te liegen? Als zijn ogen dwalen en hij zich Oostindisch doof houdt, dan zijn dat signalen die minstens aangeven dat hij iets te verbergen heeft.

Gaat iemand aan zijn neus krabben? Als deze persoon op het punt staat een leugen te verkopen, dan stijgt zijn bloeddruk, hetgeen in kraakbeen een lichte gevoeligheid veroorzaakt, vooral in de met veel zacht kraakbeen bedeelde neus… Maar heb je per ongeluk met een pathologische leugenaar te maken, dan is het handig te weten dat zijn leugenachtigheid niet een ‘trekje’ van hem is, maar een psychiatrische stoornis. Een therapeutische behandeling om de stoornis op te heffen, maakt weinig kans op succes. Wil jij proberen, op grond van argumenten, een pathologische leugenaar te ontmaskeren, dan is dat verspilde moeite, want het zal je niet lukken.

Wil je weten wat je gesprekspartner echt met jou voor heeft? Dan moet je goed luisteren naar wat hij zegt. Want het kan gebeuren dat hij er iets anders uitflapt dan oorspronkelijk zijn bedoeling was. Voorbeeld: ‘Ik weet dat het niet eenvoudig is jou te grijpen.’ Je vermoedt dat het begrijpen moest zijn, en ‘grijpen’ dus een vergissing was; een verspreking die, volgens Freud, ‘inhoud en betekenis heeft.’

Hoe kunnen we er zeker van zijn dat de verspreking een verborgen gebleven wens onthulde? Ditmaal niet door middel van een controle achteraf, maar door de toekomst te laten spreken.

Freud zegt het zo: ‘We doen een poging om volgens algemene grondstellingen de vergissing te verklaren; deze verklaring berust dan aanvankelijk slechts op vermoedens, zij is een mogelijkheid; daarna krijgen deze hun bevestiging, waartoe de bestudering van de psychische situatie ons brengt.

Om tot die bevestiging van onze vermoedens te geraken, moeten we vaak eerst de komende gebeurtenissen afwachten, die als ’t ware door de vergissing zijn aangekondigd.’

Het lichaam liegt niet. Daarom kan het ons wederzijds van pas komen door het te gebruiken als lesmateriaal. Als we hiertoe overgaan, dan doen we er niemand kwaad mee. We doen er juist goed aan, omdat we zo nog wat van elkaar kunnen leren. Gezien oplettendheid in deze geboden is, kunnen we daar niet vroeg genoeg mee beginnen, omdat volgens zeggen wijsheid pas komt met de jaren. Zou blijken dat dit een beproefde waarheid is, dan oogsten wij nog roem op onze oude dag, vooropgesteld, dat de Geest over ons vaardig wordt. Dit geldt voor alle gezindten.

Afbeelding: lichaamstaal/wikimedia commons

Helen Knopper
0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *