Spiritualiteit werkt in de opvoeding (5/7)

De komende tijd elk weekend op Zinweb: het boek Spiritualiteit werkt in de opvoeding van Vincent Duindam. Hij is psycholoog en geeft les bij onder andere de Universiteit Utrecht. Hij doet onderzoek naar onderwerpen als ouderschap, zorgende vaders, taakverdeling, relaties en mannelijkheid en vrouwelijkheid. Duindam publiceerde negen boeken, waaronder een haikubundel over zijn dochters. Op dit moment verbindt hij inzichten uit zowel de positieve psychologie als de grote spirituele tradities met de thema’s ouderschap, onderwijs en relaties. Hieronder hoofdstuk 5 ‘Benedictijns ouderschap’ van zijn boek Spiritualiteit werkt in de opvoeding.

De basisprincipes van de benedictijnse levenskunst zijn: stabilitas, obedientia en conversio morum – met je aandacht zijn waar je bent en niet ergens anders, luisteren naar wat de situatie van je vraagt, doen wat gedaan moet worden en proberen je gewoonten stukje bij beetje te verbeteren. Eigenlijk is dit wonderlijk eenvoudig te vertalen naar het ouderschap toe. Stabilitas, ofwel zijn waar je bent en niet ergens anders, wil zeggen: echt bij je kinderen zijn als je bij je kinderen bent. Niet letterlijk weglopen, niet je verstoppen in werk of huishouden en ook niet in gedachten afhaken.

Obedientia, luisteren naar wat de situatie van je vraagt en doen wat gedaan moet worden, spreekt eigenlijk ook voor zich. Wanneer je volkomen aandachtig kijkt en luister naar je kind, worden je eigen vaste ideeën over wat er nu moet gebeuren wat losser. Je zit minder vast aan je eigen oude gezinsgeschiedenis, en de geconditioneerde patronen daarvan. Dan kun je los van je beperkte egopatronen zien wat er nu nodig is voor je kind. Dat kan best zijn dat je ergens nee tegen zegt, al zal dat dan zeker op een vriendelijke en niet beladen manier gebeuren.

En ten slotte conversio morum, proberen je gewoonten stukje bij beetje wat te verbeteren. Het is wel bemoedigend dat we de hierboven genoemde zaken in ons eigen tempo en stukje bij beetje mogen leren. Echt aanwezig zijn, werkelijk aandacht opbrengen, de oude stemmen in je hoofd niet de boventoon laten voeren – dat alles is niet eenvoudig. Zoals we onze fysieke conditie trainen en opbouwen, kunnen we hier ook geleidelijk aan vorderingen maken. We hoeven ons daarbij niet op een angstige manier met anderen te vergelijken: als het deze week wat beter gaat dan vorige week is dat goed. We zullen ook vast wel eens terugvallen, maar op den duur zullen we ontdekken, dat we bewustere ouders zijn geworden dan vroeger.

De benedictijnse levenskunst is niet alleen bruikbaar om ons ouderschap vorm te geven, maar ook waar het gaat om de evenwichtige afwisseling tussen ouderschap en andere activiteiten, om ons geduld te ontwikkelen, onze bescheidenheid en vriendelijkheid. 

Levenskunst

Benedictus was een Romeins edelman die leefde rond 500 na Christus. Hij werd monnik, trok zich een aantal perioden terug als kluizenaar en verrichtte wonderen. Als abt stelde hij een reeks wijze en gematigde voorschriften op: de regel van Benedictus. Deze had zo’n grote invloed op de hele cultuur van de middeleeuwen, dat Benedictus tot de eerste patroon van Europa werd uitgeroepen.

De beloften die benedictijner monniken afleggen kunnen ook buiten de kloostermuren vruchtbaar zijn voor de inrichting van je leven. De drie kernpunten: aandachtig luisteren en adequaat reageren (obedientia), stabiliteit (stabilitas) en verandering van levensinrichting (conversio morum) vormen het hart van de benedictijnse levenskunst. Enkele concrete voorbeelden. Op dit moment heb je deze baan: mopper niet, bijvoorbeeld over het gebrek aan waardering, maar doe wat op je afkomt met aandacht.

Je bent nu samen met deze partner: maak daar vandaag iets van en dagdroom niet over denkbeeldige andere partners die je beter begrijpen, of niet kunnen wachten om je uit te kleden. Ook het benedictijnse tijdmanagement bevat lessen voor elk van ons: het heilzame ritme van een geordende dagindeling. De klok geeft steeds aan dat met iets begonnen moet worden of dat het tijd is ergens mee op te houden. Dit leidt tot een houding die niet zozeer gericht is op het af krijgen van werk, maar op het werken zelf. Perioden van inspanning en ontspanning worden elke dag even serieus genomen. Zo heb je altijd een gevulde agenda, maar wordt het nooit druk. Een collega van mij heeft dit begrepen: hij checkt elke dag zijn e-mail, maar alleen tussen 9.00 en 10.00 uur, de rest van de dag laat hij zich daardoor niet meer afleiden.

Hoeveel mensen laten zich niet bij elke klus door mailtjes onderbreken? Programma’s voor internet, tekstverwerking en e-mail staan allemaal tegelijk open. Dit brengt veel onrust met zich mee en inspanning en ontspanning lopen door elkaar; je surft als een kip zonder kop. Zo worden adrenalineniveaus kunstmatig hoog gehouden om het werk vol te houden.

Tijdens vergaderingen, of wanneer ik les geef, zie ik soms mensen hun agenda’s doorbladeren, terwijl een ander aan het woord is. Hun eigen plannen en fantasieën lijken belangrijker dan wat er op dat moment verteld wordt. Ook in gedachten kun je situaties ontvluchten.

Uit elk nieuw rapport van het Sociaal en Cultureel Planbureau blijkt dat we het met ons allen steeds drukker krijgen in Nederland. Het totaal aan verplichtingen op het gebied van arbeid, onderwijs en huishouden stijgt, en de hoeveelheid beschikbare vrije tijd slinkt. We moeten ons de tijd niet door de vingers laten glippen. Geluk blijkt veel meer met tijd te maken te hebben dan met geld. Wie de tijd probeert in te halen komt uitgebrand aan de kant van de maatschappelijke snelweg tot stilstand.

Het inbouwen van rustpunten en stiltemomenten kan een hulp zijn. Ik ga regelmatig naar de rouwkapel Sint Barbara in Utrecht. Mensen steken er kaarsjes op. Achter in de stille ruimte staat de baar. Hier kun je helemaal tot rust komen. Je realiseert je de onzinnigheid van dwangmatige haast. We eindigen allemaal op die baar… Het besef van onze broosheid, onze sterfelijkheid zet al onze activiteiten in het juiste perspectief. Ben je bang voor de dood, denk er dan elke dag aan, zegt Benedictus, en geef dit een plaats in je leven.

Aandacht

Uit onderzoek blijkt dat zelfs het wandeltempo van de voetgangers in onze steden bij elke meting hoger is geworden. Een te hoog tempo is een moderne ondeugd waartegen je de benedictijnse aandacht (obedientia) in stelling kunt brengen. Wat vraagt deze situatie waarin ik mij nu bevind van mij? Hetzelfde geldt voor verschillende dingen tegelijk doen. Wanneer je in de auto rijdt en je bent tegelijkertijd aan het bellen, kun je niet optimaal doen wat de situatie van je vraagt. De kans dat je de fietser in je spiegeltje niet ziet, wordt groter en de kans dat je je gesprekspartner alle aandacht geeft die zij verdient, wordt kleiner.

Onlangs ondervond ik dat weer aan den lijve. Ik trakteerde mezelf op de tv-uitzending van de Champions League Finale (Milaan-Liverpool). Tijdens de rust zette ik koffie, ik deed de afwas en ik overhoorde het Franse huiswerk van onze jongste dochter. Ik nam dus te weinig tijd voor te veel dingen, die ik ook nog tegelijkertijd deed. Op een bepaald moment gleed de glazen citruspers die ik afdroogde, uit mijn handen. Stuiterend op de granieten vloer viel hij in duizend stukken uiteen. Een van de scherven vloog in de plastic frisdrankfles. Een straaltje Sisi zette de vloer blank. Terwijl ik de scherven opruimde en de plakkende vloer dweilde, viel er een doelpunt. Als je te veel tegelijk doet, of dingen te snel wilt afhandelen, doe je anderen en jezelf te kort.

De benedictijnse levenskunst ondersteunt je door een vast ritme en discipline te bieden. Wanneer je dit toepast, merk je dat dit je niet vastzet, maar juist ruimte biedt. Het is heel belangrijk om met een activiteit te kunnen beginnen, maar even belangrijk om er ook mee te kunnen stoppen. Wanneer de kloosterklok luidt, stoppen de monniken met dat waarmee ze bezig zijn. Zij laten hun werk rusten en komen naar de kerk om te zingen en te bidden. Als je op zo’n manier met je werk kunt omgaan, zul je niet aan je werk verslaafd raken, je zult niet door je arbeidsethos verpletterd worden en niet overspannen raken. Integendeel, je zult in een rustig tempo werken, meer gericht op de activiteit dan op het resultaat – en juist daardoor zul je productiever zijn.

Wees geduldig

In onze samenleving is ‘instant’ steeds belangrijker geworden. In heel concrete zin zien we dit in kant-en-klaar voedsel. We hoeven geen uren in de keuken te staan: in drie minuten toveren we iets uit een pakje, diepvries of magnetron. Fastfood sluit aan bij het huidige levenstempo.

Ook hiertegen bestaat een benedictijns tegengif: wees geduldig, je kunt geen ijzer met handen breken. Dit geldt ook voor je persoonlijke ontwikkeling. Het gaat erom met kleine stapjes en voorzichtig je gewoonten te veranderen (conversio morum). Op den duur zullen de resultaten dan tastbaarder en blijvender zijn dan bij zogenaamde kant-en-klaar oplossingen.

Als kleine verbetering lees ik ’s ochtends in alle rust, voor de drukte van de dag losbarst, een overweging geschreven door de Amerikaanse benedictijner monnik father Don Talafous. Zijn (Engelstalige) teksten kun je elke dag printen via www.saintjohnsabbey.org/reflection. Zo’n tekst rustig en herhaaldelijk lezen en tot je door laten dringen, heet in de benedictijnse traditie lectio divina, ofwel: gewijde lezing. Je kijkt dan niet snel wat je uit een tekst kunt oppikken voor eigen gebruik, nee, je laat de tekst door hem langzaam en meditatief te lezen bij je binnenkomen. Niet alleen in je hoofd, maar ook in je hart. Op die manier kan de tekst de hele dag bij je blijven, als een heldere droom. Het komt voor dat zo’n tekst op een bepaalde manier voor jou bedoeld lijkt.

Deemoed

Toch klinkt benedictijnse spiritualiteit niet acceptabel in alle moderne oren. Bepaalde passages uit de regel van Benedictus zouden de lezer wel eens tegen de borst kunnen stuiten. ‘Het was goed voor mij dat U mij hebt vernederd. Zo leerde ik Uw geboden.’ Toegelicht en in hun context geplaatst, spreken juist die ‘moeilijke’ passages mij erg aan. Ze prikken het ‘dikke ego’ door dat zo’n plaag is in onze samenleving, en ons eigen dikke ego dat onszelf en anderen in de weg zit. Wij zijn niet het middelpunt van de wereld. Niets is zo verfrissend als een les in bescheidenheid. Letterlijk betekent deemoed: de moed om te dienen. Terwijl het ego elke situatie bekijkt met een blik van: hoe word ik hier beter van, wat levert het mij op, staat mijn naam er wel bij? – leidt deemoed tot de vraag: hoe kan ik deze situatie tot bloei brengen?

Indertijd schreef Marina Mozes in haar boek Uitstel of afstel over mannen die voor hun kinderen zorgen en deeltijdarbeid regelen: dat zijn kerels met lef. Zij moeten vanbinnen en vanbuiten een drempel over. Zij hebben ‘de moed om te dienen’. Deemoed is dus niet zozeer een gebrek aan assertiviteit, maar de durf om anderen boven jezelf stellen, de kracht om de verkleining van je ego toestaan. Overblijfmoeder zijn of voorleesvader, vrijwilligerswerk verrichten of collecteren, hoeveel moediger is dat niet dan het presenteren van je dikke ego, dan snoeven, en jezelf verrijken?

God in jou

In de benedictijnse levenskunst verbind je je. Door stabilitas, conversio morum en obedientia hoop je langzaam maar zeker de plek waar God in jou woont wat uit te breiden. Je hebt besef van je broosheid en kwetsbaarheid, van jezelf en van anderen. Je weet dat je een beginneling bent en blijft. Je blijft uitgenodigd worden tot bescheidenheid. 

Benedictijnse verandertips
– Zonder te mopperen zet je kleine stapjes om ook je omgeving tot bloei te brengen: de relatie met je partner, je gezin, je werk, de buurt.
– Gebed, lectio divina, stilte helpen je te voorkomen dat je samenvalt met je rollen en plichten: je houdt een lijntje naar boven. Je werkt zonder stress, omdat je er geen ego in stopt.
– Je begint op tijd en houdt op tijd op. Je richt je aandacht ontspannen op de taken die voor je liggen.
– Je laat je niet verleiden tot dwangmatige resultaatgerichtheid: je bént er, zelfs al ben je er nog niet.
– Ook het zogenaamde onaanzienlijke werk krijgt je volle aandacht: de afwas, de lekke band, het toilet, de stapel correctiewerk. Met al je activiteiten kun je God of het leven prijzen. Iedereen geef je de volle aandacht: gezinsleden, collega’s, het meisje achter de kassa. Het heilzame effect van al die kleine woorden en daden zal niet tot je eigen leven beperkt blijven. De Bijbel drukt dat uit in een aantal mooie parabels over een beetje gist dat het hele brood doet rijzen, of dat piepkleine mosterdzaadje dat uitgroeit tot zo’n grote plant dat de vogels erin kunnen schuilen.

Volgend weekend hoofdstuk 6 – ‘Humor’.
Kijk hier voor een overzicht van eerdere hoofdstukken. 

Copyright tekst en beeld: Vincent Duindam

Vincent Duindam
Vincent Duindam is psycholoog. Zijn onderzoek naar ‘zorgende vaders’ werd erg bekend. Op dit moment verbindt hij inzichten uit zowel de positieve psychologie als de grote spirituele tradities met de thema’s ouderschap, onderwijs en relaties.
0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *