Reflectie: Over populariteit, publieksprijzen en democratie

Democratie werkt alleen als mensen allemaal geïnformeerd zijn, en genoeg tijd en kennis hebben om te begrijpen waar beleidsvraagstukken over gaan. Een lastig gegeven, want het betekent dat we eigenlijk nogal wat eisen stellen aan mensen. Stemmen, zelfs als het maar eens in de vier jaar is, is iets waarvoor je continue betrokken moet zijn. Een mooi streven. Maar hoe realistisch is dit? Een reflectie langs publieksprijzen, referenda en de participatiemaatschappij door Nicole des Bouvrie.

Geloof en samenleving

Eigenlijk heeft een samenleving wel iets weg van een goed functionerende geloofsgemeenschap. Een groep mensen die over van alles en nog wat van mening verschillen, andere smaken hebben, andere haarkleuren en een eigen invulling van eigenlijk vrijwel alles. Behalve dan dat ze bepaalde basisprincipes onderschrijven, wat hen verbindt. En die binding, dat samen ergens voor staan, ergens voor leven, dat maakt een geloofsgemeenschap een van de krachtigste antwoorden op vrijwel alle menselijke problemen. Het is niet voor niets dat premier Rutte sprak over de participatie maatschappij. Een gemeenschap van maten, van vrienden, die meedoen.

Maar daaronder ligt wel de verbondenheid die hiervoor noodzakelijk is. Zonder verbondenheid, kun je niet verwachten dat mensen ook daadwerkelijk mee gaan doen, hun steentje bijdragen. Want dit gaat niet zozeer over een economisch principe. Belasting betalen heeft voordelen waarvoor je helemaal niet mee hoeft te willen doen. Je kunt dat doen uit puur egoïstisch oogpunt. Omdat je gebruik wilt kunnen maken van het wegennet, van dokters als je ziek bent, van stromend water en elektriciteit.

Meedoen… met publiekswedstrijden

De democratische denkbeelden reiken verder dan enkel het politieke domein. Ook in ons dagelijks leven komen we regelmatig voorbeelden tegen van zaken die eigenlijk gestoeld zijn op democratische denkbeelden. Neem bijvoorbeeld een publiekswedstrijd zoals de boekenwedstrijd georganiseerd door NRC, om het beste boek van 2015 te bepalen. Volgens de wedstrijdomschrijving zijn ze op zoek naar het beste boek, en jij – de lezer, de ander, het publiek – mag het zeggen. Op zich een prima initiatief, het genereert publiciteit voor boeken, brengt literatuur onder de aandacht van het publiek. Op zich kan ik niet tegen iets zijn waarmee het lezen van literatuur, ons eigen literaire erfgoed van te toekomst, wordt gestimuleerd. En ik kan er ook nog eens een boekenpakket mee winnen. Prachtig toch?

Maar wat gebeurt hier eigenlijk? Om te kunnen bepalen wat het beste boek uit de lijst is, zou je ze minstens allemaal zelf gelezen moeten hebben. Of genoeg kennis van elk boek moeten hebben om te kunnen bepalen of het het ‘beste’ boek is – sowieso een wat vage omschrijving, die ook nodig is, omdat op die manier iedereen in kan vullen wat hij of zij het beste vindt. Misschien moet het vooral ene dun, oppervlakkig boek zijn dat je aan het lachen maakt. Of misschien moet het een moeilijk gewrocht zijn van duizenden bladzijdes? Ieder zijn voorkeur natuurlijk, en gelukkig dat er allerlei soorten boeken worden uitgegeven, voor ieder wat wils, dat is vrijheid. Maar er moet toch een ‘beste’ boek gekozen worden – en op deze manier, door het publiek te vragen te stemmen, zal het in ieder geval niet lukken om dat boek er uit te halen.

Niet dat er een slecht boek uit zal komen, de NRC boekenredactie heeft immers al een selectie gemaakt van kanshebbers. Maar hoe zorg je er voor dat het meest populaire boek niet wint? Want je kunt zeggen dat mensen eerder zullen stemmen op een boek dat ze hebben gelezen, dan op een boek waar ze nog nooit van gehoord hebben. Zou dan de uitkomst van deze publiekswedstrijd niet dezelfde uitkomst zijn als de verkoopcijfers doen vermoeden? In combinatie natuurlijk met een aantal factoren: want je kunt alleen stemmen als je internet hebt, en misschien is de kans dat je stemt wel groter als je het NRC leest. Maar zelfs als we er van uitgaan dat dit allemaal geen invloed heeft – dan nog is de kans enorm klein dat er echt het beste boek uit komt. Enkel het populairste.

Populariteit, is dat niet gewoon degene met de grootste mond?

Het is een gevaar dat behoort tot de basis van de democratie – als we stemmen, zullen we iets kiezen wat bekend en vertrouwd is. Iets waarvan we iets weten, op basis van wat we hebben gehoord, gelezen. En omdat onze tijd beperkt is, en onze wil ook, lezen we niet alle boeken. Lezen we niet alle partijblaadjes, spreken we alleen met de mensen die voornamelijk precies zijn zoals wij zelf – onze vrienden. We spreken We luisteren naar datgene dat we horen. En dat is meestal wat de media ons vertelt – ook al weten we dat de media grotendeels door de staat wordt gesponsord, of haar eigen agenda heeft. Alle media maakt keuzes welke berichten worden gedeeld en welke niet. En dat is goed, maar ook gevaarlijk.

Want wij, als burgers, als stemmers, als participerende onderdelen van deze samenleving, hebben zelf de verantwoordelijkheid om geïnformeerd te zijn. Maar we laten ons voornamelijk voeden met informatie die we voorgeschoteld krijgen. Dat zien we duidelijk bij bijvoorbeeld de petitie van GeenPeil. Een petitie die nauwelijks in de media kwam, tot nadat de sluiting voor het zetten ven je handtekening. En het referendum dat er nu aan komt – wat je er ook van vindt of denkt – wordt gezien als een overwinning van democratie. Op eerste gezicht lijkt dat ook zo, mensen mogen immers stemmen over een politiek relevant onderwerp. Maar wat de media niet vertellen, is dat de uitkomst van dit referendum, zelfs bij 100% stemmen voor ja of nee, gewoon door de overheid naast zich neergelegd kan worden. Dat is immers hoe het werkt, de democratie. (Iets dat de Oekraïense premier als een van de weinigen publiekelijk durfde toe te geven. Wat je er ook van vindt, hij is tenminste wel eerlijk er over.)

Het beste? Verbinding!

De vraag blijft, of het huidige democratische systeem slecht is. Iets beters bestaat niet, zegt men. Maar een echte democratie in deze samenleving, waar het publiek mag bepalen wat het beste is voor Nederland, lijkt me ronduit gevaarlijk. Net zoals overigens de huidige stand van zaken, waar mensen aan het lijntje worden gehouden, worden aangemoedigd om te participeren, terwijl de verbinding die we met elkaar voelen steeds verder uitgehold wordt. Laten we er voor zorgen, met elkaar, dat we die verbinding weer hervinden en oppakken. Omdat die verbinding de basis vormt van een samenleven dat met elkaar gebeurt, niet tegen elkaar. Het is de enige manier om de macht van de luide stem en de macht van het geweld een halt toe te roepen.

Reageren? Stuur je reactie naar redactie@zinweb.nl of bij de reacties hieronder.

Afbeelding: kenteegardin via Compfight cc.

Nicole des Bouvrie
(@Nobyeni, Nobyeni.nl) is afgestudeerd in de hedendaagse filosofie (PhD) en werkzaam als freelance filosofe, schrijfster en consultant. Ze leest veel, en is voornamelijk geïnteresseerd in waarheid en waarachtigheid, filosofie, kunst, en het leven.
0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *