Pastoraat en route

Leonie van Staveren – De slaapzaal is gehorig, de (stapel)bedden bieden weinig comfort en voor een douche moet je in de rij staan. En toch, nog vóór ik Santiago bereikte, verlangde ik terug naar deze herberg langs de route naar Santiago de Compostela. En dus keerde ik om, nam de eerste bus terug naar Carrión de los Condes en bood mijn hulp aan als vrijwilliger.

Albergue Santa María is een eenvoudige pelgrimsherberg op de route naar Compostela. Hij wordt beheerd door een gemeenschap van zusters Augustinessen. Dagelijks bieden zij slaapplaats aan 50 pelgrims. Hoewel de tijd die je er als pelgrim doorbrengt maar kort is, weten de zusters een sfeer neer te zetten die verwachtingspatronen doorbreekt, mensen bij elkaar brengt en je als pelgrim aan het denken zet over de betekenis van je pelgrimage. Een knap staaltje pastoraat.

Wie bij nonnen denkt aan serieuze, veelal zwijgende vrouwen die hun leven grotendeels slijten in gebed, wacht in deze herberg een grote verrassing. De vrolijkheid en levendigheid die ze in de herberg aan de dag leggen, breekt met al je verwachtingen. Wat ook verwondert, is dat ze hun diensten nagenoeg om niet aanbieden. Een overnachting kost vijf euro. De vrijwillige inzet en liefde waarmee de zusters de pelgrims verwelkomen, zonder daar iets voor terug te vragen, breekt radicaal met patronen als ‘voor wat, hoort wat’ en ‘voor niets gaat de zon op’. Het zet je als pelgrim aan het denken over gastvrijheid, vrijgevigheid en dankbaarheid.

De sfeer begint bij de ontvangst. Na een dag wandelen word je warm welkom geheten door een jonge non in een wit habijt. Ze schrijft je gegevens op, geeft je een stempel in je pelgrimspaspoort en begeleidt je naar een van de slaapzalen om een bed uit te kiezen. Dit alles gebeurt met een stralende glimlach die wil zeggen: ‘Je bent welkom, goed dat je er bent, rust nu maar lekker uit.’

In de namiddag verzamelen de pelgrims zich in de centrale hal van de herberg voor een groepsbijeenkomst. Zittend in een grote kring, met mensen op stoelen en banken, maar ook op de grond en op de trap wacht iedereen af wat er gaat komen. Dan verschijnen de zusters, gewapend met gitaar en bongo, en beginnen ze te zingen. Er gaat een stapeltje liedteksten rond en al snel zingen en klappen de mensen mee. Als het ijs gebroken is, vraagt zuster Carolina aan iedereen om zich kort voor te stellen en te vertellen waarom ze de pelgrimsroute lopen. De een na de ander vertelt. Veel mensen hadden wat tijd voor zichzelf nodig; proberen de overgang naar een nieuwe levensfase vorm te geven of hopen onderweg een verlies of probleem te kunnen verwerken. Anderen weten het niet, of lopen eenvoudigweg als plezierige tijdsbesteding, als vakantie. Op alle verhalen reageren de zusters, maar ook de andere pelgrims, met aandacht, er wordt gelachen en soms vloeit er ook een traan. Als het cirkeltje rond is en ook de zusters zich voorgesteld hebben, zetten ze een nieuw lied in. Zo gaat de middag voort. Op het repertoire staan geen religieuze liederen, maar populaire muziek. Met liedteksten die raken aan menselijke vragen en universele thema’s. Over nieuwsgierigheid en onzekerheid over de toekomst, verlangen naar verandering, broederschap onder mensen. Er wordt veel gelachen, gezongen en geklapt. Maar ook gesproken over de betekenis die deze thema’s kunnen hebben. Zo ontwikkelt zich een bijzonder groepsgebeuren. Mensen die elkaar een uur daarvoor misschien nog nauwelijks kenden delen nu stukjes van hun levensverhaal met elkaar. Een kleine oefening in broederschap, noemt zuster Carolina het. De zusters vinden dat een belangrijk goed om aan andere mensen door te geven.

Veel mensen weten niet precies waarom ze de route zijn gaan lopen of wat ze er uit hopen te halen. De zusters in Carrión dagen je uit erover na te denken. Verhalen van anderen kunnen als inspiratie dienen voor de betekenis die je aan je eigen tocht geeft. Voor wie er behoefte aan heeft, is er ruimte om met een van de zusters na te praten. Onderweg naar de pelgrimsmis of bij de gezamenlijke avondmaaltijd praten pelgrims onder elkaar en met de zusters na over de gedachten die boven zijn komen drijven. Dat zijn boeiende gesprekken, zoals je ze misschien niet vaak hebt. Over wat er echt toe doet in het leven, welke moeilijkheden je hebt meegemaakt en waar je vreugde aan ontleent.

Het werk op de ‘camino’ is voor de zusters niet louter een maatschappelijke bijdrage. Ze zien het als hun religieuze opdracht, maar ook als een privilege. Toen een verwonderde pelgrim eens vroeg waar toch al die vrolijkheid bij de zusters vandaan komt, antwoordt Carolina: ‘God is liefde, wij zijn hier om te dienen.’ Pas vele gesprekken later begreep ik wat die twee ogenschijnlijk losstaande dingen met elkaar te maken hebben. De zusters ervaren God’s liefde heel concreet. In gebed, in de liturgie (met name in de eucharistie) en in hun onderlinge gemeenschapsleven. De ervaring van die liefde stemt tot grote dankbaarheid en wekt het verlangen om die liefde door te geven. In de zorg voor de pelgrims, zowel in praktische als in existentiële zin, kunnen de zusters die liefde kwijt en krijgen ze het op hun beurt ook weer terug. Die liefde is onmiskenbaar voelbaar en werkt bovendien aanstekelijk. Nergens ontvang je zoveel knuffels en zoenen als bij het uitzwaaien van pelgrims.

De tijd die je als pelgrim hebt om je aan de goedheid en de wijsheid van deze jonge gemeenschap van Augustijnse zusters te laven, is helaas beperkt. Maar wie aan een paar uur powerpastoraat niet genoeg heeft, kan altijd halverwege rechtsomkeert maken en een weekje als vrijwilliger met de nonnen optrekken.

Leonie van Staveren is student aan het Remonstrants Seminarium

Bron: Adrem juli 2013

Afbeelding: Een Europese pelgrim draagt op deze tekening vanPieter Bruegel de Oude dejakobsschelp van de bedevaart naar Santiago de Compostella en tal van andere, waarschijnlijk loden, bedevaartstekens. Bron: Robert Prummel/wikimedia commons

Claudia Pietryga
Claudia deed zowel een sociaal-agogische als journalistieke opleiding en is alweer bijna tien jaar freelance journalist. Ze schrijft het liefste over maatschappelijke onderwerpen en publiceerde onder meer stukken in de Flair, Hallo Jumbo, Spits, Het Parool, diverse blogs, lokale bladen en uiteenlopende (online) media voor met name ondernemers.
0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *