Leven volgens de Dao: Proberen om niet te proberen.

Er zijn zoveel voor ons verborgen Oosterse Wijsheden. Zodoende neemt filosofe Martine Berenpas ons mee in de wereld van het Daoïsme.

Een van de belangrijkste en oudste tradities van China is het Daoïsme, wat ook wel bekend is als Taoïsme. De belangrijkste teksten van het Daoïsme zijn de Daodejing en de Zhuangzi. Daoïsme legt de nadruk op het leven volgens de ‘dao’; een leven dat in harmonie is met de natuurlijke verloop van het universum. Hoe kunnen we deze harmonie bereiken en wat levert dat ons op? Laten we eerst eens kijken wat het Daoïsme bedoelt met ‘dao’ en hoe zij de wereld ziet.

Daodejing

De kennis van het oude Daoïsme is in de laatste kwart eeuw enorm toegenomen, mede door de ontdekking van bamboe fragmenten van de Daodejing in een graftombe in China. De Daodejing is daarmee een van de oudste teksten van China die bewaard is gebleven. Letterlijk betekent de Daodejing het boek (jing) van Dao. Maar wat is ‘dao’ dan precies? . ‘Dao’ als de ‘weg of ‘oorsprong’ van het universum wordt niet alleen gebruikt in het Daoïsme. Ook het Chinees Buddhisme en het Confucianisme spreken over ‘dao’.

In het Daoïsme is de ‘dao’ datgene wat de eindeloze stroom van vormen en kleuren van het universum op gang brengt en op gang houdt. Voor het Daoïsme is er slechts één wereld die de bron is van al onze ervaringen. Ieder wezen draagt op een speciale manier bij aan deze stroom. De wereld is in de ogen van het Daoïsme onderling met elkaar verbonden omdat ze allen gedragen worden door ‘dao’. Er wordt ook geen onderscheidt gemaakt tussen het ene element en het andere element; de mens is in het Daoïsme bijvoorbeeld niet belangrijker dan een steen. De mens is hooguit een complexere organisatie van de stroom dan de steen.

Toch heeft de Daodejing wel een belangrijke levensles voor de mens. Het doel van de mens is namelijk dat hij op moet gaan in de oneindige stroom van het universum. Maar doordat hij zo complex is en over taal beschikt, gebeurt het vaak dat de mens buiten die stroom gaat staan.

Zhuangzi

Algemeen wordt aangenomen dat de Zhuangzi (letterlijk vertaald; de leer van meester Zhuang) later is geschreven dan de Daodejing, omdat de Zhuangzi verwijst naar teksten van de Daodejing. De Zhuangzi ontstond in de derde eeuw voor Christus en is in China enorm populair. Dat komt omdat de Zhuangzi toegankelijker is dan de Daodejing. De Zhuangzi is humoristisch en spannend geschreven vol met mooie verhalen en boeiende parabels. Een bekende parabel van de Zhuangzi is bijvoorbeeld die van de droom van Zhuangzi waarin hij zich afvraagt of hij droom dat hij een vlinder is of dat de vlinder droomt dat hij Zhuangzi is. Zowel de Zhuangzi als de Daodejing richten zich op de vraag wat ‘dao’ is.

Taal en zelfverandering

In de Daodejing en de Zhuangzi wordt ‘dao’ vaak beschreven vanuit een paradox. ‘dao’ wordt bijvoorbeeld beschreven als ‘datgene wat alles is en niets’, of ‘datgene wat stilstaat en in beweging is’. Dit is soms enorm verwarrend, maar heeft wel een doel. Deze paradoxen geven aan dat onze taal niet goed om kan gaan met het beschrijven van de oneindige stroom van het universum en daarom ons niet goed onze ware natuur kan laten zijn.

Taal is een middel van de samenleving om onze gedrag te vormen en ervoor te zorgen dat sociale interactie makkelijker gaat. Taal probeert onderscheidingen te maken en structuur aan te brengen in de wereld door de dingen die wij ervaren een naam te geven. Dat is handig, want zo wordt de wereld overzichtelijker, constanter en minder chaotisch. Het probleem waar het Daoïsme ons op wijst is dat de taal iets doet wat totaal niet overeenkomt met de oneindige, bewegende en constant veranderende stroom van het universum. De stroom wordt door de taal tot stilstand gebracht. Door bijvoorbeeld een ervaring in te delen als ‘goed’ of ‘niet goed’ wordt een klein deel van de stroom als het ware opgepakt en in een beker gestopt waardoor het niet meer verder kan stromen.

De taal zorgt er daardoor voor dat we niet de dao kunnen voelen en beleven. Om dat wel te kunnen, moeten we inzien dat de manier waarop wij de wereld proberen te structureren en in te delen niet overeenkomt met het universum. Om de dao te kunnen voelen, moet je minder met taal denken, maar meer met je lichaam. Meditatie is daarom een belangrijk onderdeel van het Daoïsme. Alleen dan kunnen het universum werkelijk ervaren. De Daodejing noemt deze toestand ook wel wuwei.

Wuwei

Wuwei is een manier van handelen die niet door de taal en niet door het ego wordt bepaald. In het Nederlands wordt het vaak vertaald als ‘spontaan handelen’. Wuwei lijkt een beetje op wat wij ook wel flow noemen. Edward Slingerland laat in zijn boek Trying not to Try zien dat het belangrijkste aan zowel flow als wuwei is dat je handelt zonder enige inspanning. In een staat van wuwei ervaar je geen weerstand omdat je volledig meegaat in de oneindige stroom van het universum. Een voorbeeld van zo’n handeling zonder inspanning vinden we in de Zhuangzi: het verhaal van slager Ding.

Slager Ding wordt in dit verhaal geprezen om zijn perfecte techniek om runderen te ontleden. Zijn uitmuntendheid wordt onderstreept doordat hij na negentien jaar nog steeds hetzelfde mes gebruikt en dat deze nog steeds even scherp is. Op de vraag hoe hij dit voor elkaar krijgt, geeft slager Ding het volgende antwoord:

“Uw dienaar houdt van de Tao, en dat gaat verder dan alleen maar techniek. Toen ik begon met het ontleden van runderen, zag ik alleen maar hele runderen voor me. Na drie jaar zag ik ze niet meer zo en vandaag de dag benader ik ze met mijn geest en bekijk ze niet met mijn ogen. Mijn zintuigen houden op te functioneren terwijl mijn geest in actie komt. De natuurlijke structuur volgend, geef ik dan een klap op de grote gewrichten, snijd ik in de grote openingen, naar de manier waarop het beest in elkaar zit. Zenuwen, spieren, beenderen en gewrichten bieden nooit de minste weerstand, laat staan grote knoken!. […] Tussen de geledingen is ietwat ruimte en wat mijn mes betreft: dat heeft geen omvang. Als je met iets dat geen omvang heeft binnendringt daar waar ruimte is, dan kan je lekker vrij het scherp rondbewegen want dan is er beslist nog ruimte te over.’

Slager Ding laat zien dat er een houding bestaat waarin de mens kan handelen zonder weerstand te ervaren, omdat zijn handelen volledig meegaat in de oneindige stroom van het universum. Wuwei is het opgaan in de openheid die ontstaat door alle vormen van spreken, denken en oordelen te vermijden. Hoe minder afweer je hebt, des te meer open zich de ruimte van waaruit je het leven in zijn werkelijkheid kan ervaren; als een onafgebroken stroom van verandering.

 

Meer lezen? Hier zijn wat leessuggesties:

Zhuangzi, de volledige geschriften. Het grote klassiek boek van het Taoïsme, Vertaald en ingeleid door K. Schipper, 2007, Amsterdam: Uitgeverij Augustus

Slingerland, E., Trying not to Try. The art and science of spontaneity, 2014, New York: Crown Publishers.

Chong, W.L., Filosofie met de vlinderslag. De daoïstische levenskunst van Zhuangzi, 2016, Budel: Uitgeverij Damon.

Zinweb Redactie
De redactie van Zinweb bestaat uit een team van bevlogen jonge journalisten. De redactie publiceert eigen artikelen of plaatst gastartikelen van experts. Raadpleeg de contactpagina voor een overzicht.
0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *