Lente: het seizoen van de hoop

Prometheus, de slimme ‘vooraf-denker’, had het vuur uit de hemel gestolen en naar de aarde gebracht. Daarmee had hij woede van oppergod Zeus gewekt. Deze wilde de mensen straffen en hun macht beperken. Zeus liet Hephaistos, de hemelse smid, een mooie vrouw smeden: Pandora. 

 

Alle goden moesten haar een onheilbrengend geschenk meegeven. Daarna zond Zeus haar – onder begeleiding van Hermes – naar de aarde. nam de geschenken mee in een doos: de doos van Pandora.

Epimetheus, de ‘achteraf-denker’, de broer van Prometheus, nam haar ondanks de waarschuwingen van zijn broer tot vrouw. Omdat Pandora ook de gave van de nieuwsgierigheid had meegekregen kon zij het niet laten om de doos te openen. Onmiddellijk verspreidden zich allerhande ziekten, rampen en smarten over de wereld. Geschrokken deed zij de doos snel weer dicht.
Ze had niet gezien dat er nog één geschenk in de doos was achtergebleven.
Dat geschenk was: de hoop.

Als je mij zou vragen wat voor mij een symbool voor die hoop is – een vraag die we laatst in een groep aan iedereen stelden – dan zou ik zeggen: de lente.
En het is volop lente in La Cordelle!
Elke dag moet ik even de tuin in om te genieten van al die bloemen die ineens weer uit de grond komen en al dat jonge groen aan de takken van struiken en bomen. En dan realiseer ik me de enorme kracht van de aarde, die steeds weer nieuw leven voortbrengt. Ondanks onze bommen en granaten, ondanks CO2 en kerncentrales van het verre Fukishima tot het zo nabije Borsele, en ondanks al het andere dat wij haar elke dag weer aandoen.

In de mythologie is de aarde vrouwelijk. Daar word ik dagelijks aan herinnerd door het beeldje van de Venus van Willendorf, die moedergodin die vanaf een boomstronk de tuin van La Cordelle overziet.
Merkwaardig dat vrouwen toch steeds weer de schuld krijgen van alle aardse ellende, ook in de joods-christelijke mythologie. Van Pandora kan je nog zeggen dat ze niet alleen rampen maar, zij het ongemerkt, ook de hoop naar de aarde heeft gebracht. Maar Eva, die Adam (al net zo’n domme man als Epimetheus) meesleurt in het kwaad, verandert het aards paradijs in een volledig hopeloos tranendal.
Ook de mannen komen er in deze mythen natuurlijk niet te best vanaf: het zijn gemakkelijk te verleiden slappelingen. En de mannelijke goden in de hemel weten niks beters weten te verzinnen dan de mens te straffen wanneer die een creatieve actie onderneemt, zoals vuur maken of een stap voorwaarts in het bewustzijn zetten door wél van die verboden vrucht te eten.

Nu kenden de Grieken ook een mythe waarin de vrouw niet de bron van alle ellende maar juist een teken van hoop is. Dan hebben we het over Demeter, moeder van Persephone en ook godin van de aarde.
Toen Hades, de god van de onderwereld, Persephone had meegesleurd naar zijn duistere schimmenrijk, was Demeter ontroostbaar. De aarde werd koud en doods. Door haar smeekbeden en tranen wist Demeter echter van Hades te verkrijgen dat haar dochter slechts de helft van het jaar in de onderwereld hoefde te verblijven. De andere helft mocht ze bij Demeter in de bovenwereld zijn. Steeds als Persephone terugkwam op aarde en moeder en dochter weer verenigd waren, werd het lente en bloeide alles weer op.

En hoe zit dat met de vrouw in het christendom?
Natuurlijk, officieel is de hoop van de christenen gevestigd op een man: Christus, die liet zien dat de dood het laatste woord niet heeft. Surrexit Christus, Allelujah! Maar voor mij is het in het verhaal van Jezus’ laatste dagen vooral een vrouw die een teken van hoop is: Maria. Ondanks het gruwelijke lot van haar zoon blijft zij hem tot het eind nabij en stelt ze haar vrouwelijk mededogen tegenover al die mannelijke wreedheid.
Als de mensheid vandaag iets nodig heeft dan is het wel zo’n wereldomvattend mededogen.

Hein Stufkens, maart 2011

Hein Stufkens
0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *