Kunst: ‘Nobody fucks with Frank de Grave!’. Over kunst en beeldvorming (4)

Er zijn duizenden voorbeelden op te noemen van beeldvorming via de kunst. De vorige delen lieten als zien dat hoe realistisch de voorstelling ook is of welk medium je ook gebruikt beeldvorming daar los van lijkt te staan. Misschien is het referentiekader dan toch het allerbelangrijkst. Wat is de voorkennis van de consument aangaande het thema van het artefact op het moment dat de consument zichzelf verhoudt tot het artefact. Over kunst en beeldvorming deel 4. Door Kalle Brüsewitz.

Tussen 1998 en 2005 was de vroege zaterdagavond voor het satirische programma ‘Kopspijkers‘. Behalve de actualiteit en het onvolprezen spijkerspel was vooral het laatste gedeelte van het programma belangrijk. Presentator Jack Spijkerman nam aan de hand van hoofdrolspelers van de nieuwsweek de actualiteit door. Drie gasten schoven aan bij Spijkerman. Dit waren overigens niet de echte hoofdrolspelers, maar imitatie van inmiddels gerenommeerde acteurs en cabaretiers als Paul Groot, Owen Schumacher, Sanne Wallis de Vries, Erik van Muiswinkel, Diederik van Vleuten en Sander van Opzeeland.

Om aan te geven hoe belangrijk referentiekader is zijn de typetjes van Kopspijkers belangrijke voorbeelden. Toenmalig minister van defensie Frank de Grave was een erudiet man en een goed politicus. Niet een overbekende politicus, want het gros van de kijkers van Kopspijkers waren geen Binnenhofwatchers. Frank de Grave werd veranderde langzaam van minister in het typetje van Owen Schumacher. Hij maakte van de minister met gezag die hier en daar wat foutjes maakte een heel klein iel mannetje die ranja dronk en zichzelf veel te serieus nam. Zet de beste man op een te lage stoel achter een te hoge tafel en zet hem een gas ranja met een rietje voor en je doel is bereikt. De vaste zin van het typetje Frank de Grave werd: “nobody fucks with Frank de Grave” wat in schril contrast stond met zijn voorkomen aan die tafel. De Grave kwam er nooit meer echt vanaf. Nu nog is Frank de Grave voor veel mensen die ‘sukkel van de ranja’.

Zo werd een vooraanstaand minister van defensie voor een deel van Nederland gereduceerd tot “nobody fucks with Frank de Grave” door een televisieprogramma. Een programma dat een enkele moeite deed om realistisch te zijn. Het waren cabaretiers en het was bedoeld om te lachen. Iedereen wist dat het een parodie was. Maar dat Frank de Grave altijd die Frank de Grave blijft is dus wat er gebeurd als je enige referentiekader gebaseerd is op artefacten als een schilderij of een televisieserie. Dan is dat wat je voor altijd onthoudt. En die kracht is sterker dan het medium of het realiteitsgehalte van het artefact. Of het nou het realistische ‘Homeland‘ is of het zeer karikaturale ‘Borat‘. Of het nou het medium televisie of het medium beeldende kunst is. Of het nou Frank de Grave of Frank de Grave is.

Lees deel 1 van deze blog hier.

Lees deel 2 van deze blog hier.

Lees deel 3 van deze blog hier.

Photo Credit: Kopspijkers via Youtube

Kalle Brüsewitz
Kalle Brüsewitz (soulchecker.nl) is afgestudeerd in de theaterwetenschappen en kunsteducatie en is werkzaam als freelancer op het gebied van journalistiek en kunsteducatie. Hij noemt zich SoulChecker en zoekt naar dat waar mensen zich geraakt door voelen; in kunst, politiek en religie. Ook werkt hij als coördinator in een Aanloopcentrum voor iedereen die behoefte heeft aan koffie en een praatje.
0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *