Kerk in de kroeg en evenementsdenken

Op 25 april vond een trainingsdag over jeugd en jongeren plaats voor de Remonstranten. De resultaten van onderzoek naar de behoeften van christelijke jongeren, verricht door Motivaction werd gepresenteerd. Ook hield Mirjam Oosterhoff-De Bruin een presentatie over het PKN project Twintigers Woerden.

Christelijke jongeren

Peter Jobsen vertelt allereerst over de resultaten van het onderzoek van Motivaction. Dit onderzoek heeft gekeken naar hoe “jongeren die van huis uit een christelijke achtergrond hebben” aankijken tegen de Remonstranten. Het onderzoek zette breed in, en vroeg deze jongeren ook: “Hoe ga je in deze specifieke levensfase om met geloven en met kerk?” De specifieke leeftijdsgroep, achttien tot dertig jaar, is interessant omdat die zoekende is, maar geen behoefte heeft om lid te worden van een kerkgenootschap.

Wat kwam er uit het onderzoek? Er werd onderzoek gedaan onder jongeren met een mainstream protestantse achtergrond (PKN, Rooms-katholiek), maar ook onder jongeren met een specifiekere christelijke achtergrond (orthodox, evangelisch). Het viel Jobsen op dat beide groepen dezelfde behoefte hadden om vragen te stellen, dingen in twijfel te trekken en het te hebben over het geloof. Een mogelijke culturele koudwatervrees onder de vrijzinnigen om met orthodoxen in gesprek te gaan is dan ook mogelijk niet helemaal terecht.

Autonoom en authentiek

Het viel Jobsen ook op dat een van de geïnterviewden aangaf “het wel lekker te vinden om even van de radar te zijn.” De dame in kwestie woont als student op kamers, en vindt het prettig om weg van “zo’n vaste gemeenschap” te zijn. Op zondag naar de kerk gaan vindt ze nog steeds belangrijk, maar ze geeft aan dat het prettig is als je drie weken niet gaat, om dan geen bemoeizuchtige vragen te krijgen als “was je ziek, was je op vakantie?”  zo legt Jobsen uit. Het is prettig als er “niet voortdurend een beroep op je wordt gedaan.” Het nadeel van een beklemmend gevoel dat een hechte gemeenschap je kan geven wordt later ook nog abstract als probleem door Jobsen genoemd. Aan de andere kant zien jongeren ook veel voordelen aan het behoren tot een hechte gemeenschap, maar op deze levensfase hebben ze hier niet altijd behoefte aan.

Jobsen geeft aan dat er voor jongeren geen taboe meer rust op het ‘hoppen’ van kerk naar kerk. Veel jongeren vinden het leuk om soms naar een PKN dienst, en soms juist naar een evangelische dienst te gaan. De vraag of je eigen geloof wel je eigen keuze is of is opgelegd door de traditie van je ouders is ook populair onder de ondervraagde jongeren. Verder wordt als belangrijk genoemd de vraag hoe je je geloof koppelt aan je dagelijks leven. Het zijn allemaal vragen die om de thema’s van autonomie en authenticiteit lijken te draaien.

Het pobleem met vorm

De wil van deze jongeren om na te denken over zingeving is groot. Het beklemmende zit hem dan niet alleen in bemoeizucht, maar ook in het niet kunnen vinden van zingeving in oude vormen. De traditionele diensten op zondag sluiten niet goed aan bij de verwachtingen van jongeren. “Komen ze weer met die boekjes, het is wel een beetje saai op deze manier,” klagen de jongeren bijvoorbeeld, aldus Jobsen. Er klinkt roep om interactie, maar nieuwe vormen groeien stroef. Uitgebreide vergaderingen kunnen in bestaande kerken aanvankelijk enthousiasme voor een nieuw initiatief een halt toeroepen.

Hoe moet het dan wel? Dat is misschien wel de belangrijkste vraag van de dag. Jobsen speculeert hierover: Hou het vrijblijvend, omdat het moet groeien. Als je bij de minste interesse al met een lijst aan verplichtingen komt, schrikt dat af. Meer interactie, de mogelijkheid om vragen te stellen en de ruimte om te twijfelen worden ook genoemd als elementen van een mogelijk vruchtbare nieuwe vorm. De traditionele vorm kent ook weinig beweging, Jobsen stelt hier tegenover “passie en energie, niet het stil in de banken zitten.” Het mag inhoudelijk ook best stevig. Jongeren zoeken een groep om het mee over dingen te kunnen hebben die ze bij andere vrienden niet kwijt kunnen.

Aanvulling en kern

Jobsen noemt de vrijblijvende samenkomst, met bier er bij, als een vorm die zou kunnen werken onder christelijke jongeren. Kom bij elkaar, hou het gezellig, maar geef de avond misschien een thema, zodat het wel kan gaan over een diepzinnig onderwerp. Het hoeft wat Jobsen betreft niet de traditionele kerkdienst op zondag te vervangen. Alleen al om het feit dat die vorm voor veel (maar niet uitsluitend) mensen van hogere leeftijd nog wel wat betekent, is het de moeite waard die vorm te behouden. Een dergelijke nieuwe vorm kan tegelijkertijd wel een aanvulling zijn.

Het rekruteren moet misschien ook niet al te dik aangezet worden. Een interesse hoeft niet gewekt te worden, onder de christelijke jongeren is dit element van interesse al aanwezig. Het is zaak om daar een beroep op te doen, eerder dan om het op te roepen. Het biedt wellicht zo ook ruimte voor eerlijkheid. Je hoeft je eigen christelijke identiteit als organisatie niet te verbergen, het kan juist een startpunt zijn. Wees er eerlijk over, dat kan mensen juist vertrouwen geven en deze jongeren kan het juist aanspreken.

De organisatievorm stelt Jobsen verder voor als een atoom: “Aan de ene kant heb je wel echt de harde kern van een paar mensen – de protonen en neutronen – maar daar cirkelen heel veel electronen omheen. Wat denk ik heel belangrijk is, is dat je als organisatie beseft: ook degenen die af en toe komen, ook degenen die één keer komen kijken en niet actief zijn in de organisatie, dat die er net zo goed bijhoren als degenen die wel tot de harde kern behoren.”

Peter Jobsen tijdens zijn presentatie over de resultaten van onderzoek van Motivaction naar de behoeften van christelijke jongeren.

Twintigers Woerden

Veel van de behoeften die in kaart gebracht zijn door Jobsen worden goed aangevoeld door Mirjam Oosterhoff-Bruin. Met haar initiatief Twintigers Woerden speelt ze precies in op wat jongeren graag willen: een plek waar je het over diepzinnige dingen kan hebben, maar wel met een biertje er bij. Opvallend is dt Oosterhoff-Bruin daar juist het café voor kiest, en niet de kerk. Ze kwam zelf ook randkerkelijke en buitenkerkelijke jongeren tegen in de kroeg, wat haar het idee gaf “hier wil ik iets mee, hier zou ik kerk willen zijn, in de kroeg.”

Twintigers Woerden – gesteund als Pioniersplek van de PKN als missionair project – is succesvol, omdat Oosterhoff-De Bruin de goede toon weet te vinden. Hoewel het project uitgesproken christelijk is en een missionair karakter kent, blijft de invulling toch ook breed. Oosterhoff-De Bruin beschrijft bijvoorbeeld: “Het relaties leggen met de twintigers is het belangrijkste van mijn hele werk.” Zorgen voor verbintenissen, persoonlijke groei en steun faciliteren, een plek creëren voor diepgang, lijkt zo belangrijker dan traditioneel missionair werk.

Hoe blijf je als kerk voortbestaan?

De vraag of de kerk nog wel kan voortbestaan, dat ook al bij de presentatie van Jobsen kort naar voren kwam, steekt hier ook de kop op. Waar Jobsen nog wel pleit voor het behoud van bestaande vormen, en aanraadt nieuwe vormen er naast te ontwikkelen, neigt Oosterhoff-De Bruin naar een harder standpunt als zij stelt: “Het is de vraag of we de kerk in de huidige vorm voort kunnen bouwen op de generaties gaan komen. Dat vind ik echt een vraag die kerken zichzelf moeten stellen.”

Ze heeft het idee dat in onze tijd een switch plaatsvindt waardoor alles verandert, en oude vormen die al honderden jaren werkten niet langer toereikend zullen zijn. De trend is nu bijvoorbeeld om steun te verlenen aan eindige en meetbare projecten, eerder dan oneindig loyale steun te verlenen aan een instituut. Al eerder werd opgemerkt dat jongeren allergisch zouden zijn voor jaarlijkse contributie.

Te denken valt bijvoorbeeld aan crowdfunding in dit geval: daar wordt geld gegeven aan eenmalige, afgebakende projecten. Het wordt heel erg lastig om met zo’n projectgericht systeem dat autonome keuze centraal stelt een instituut in stand te houden zonder einde en zonder concreet doel. Oosterhoff-De Bruin pleit voor deze nieuwe aanpak, waarin de inzet van kerk wordt opgeknipt en veel meer projectgericht en evenementgericht wordt. Het is voor sommigen tegelijkertijd wel even slikken.

Vlnr: Remco Oosterhoff en Mirjam Oosterhoff-De Bruin tijdens hun presentatie over Twintigers Woerden, met Jaap Marinus, coördinator van de dag.

Bezoek ook de site van Twintigers Woerden of bekijke de promotievideo hieronder.

Lucas van Heerikhuizen
Lucas van Heerikhuizen is afgestudeerd als master in de godsdienstwetenschappen. Momenteel is hij werkzaam als webdeveloper en WordPress docent. Tevens is hij actief als redacteur voor Zinweb.
0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *