Is cultuur een markt?

Poppodium Qbus verdeelt de Leidse politiek. Sommigen willen het opheffen, anderen willen het behouden. Wat zegt dat over hoe wij cultuur zien?

Concurrentie op de markt

Het denken van de VVD zoals dat wordt gepresenteerd lijkt ergens heel darwinistisch. Er komt een mooi nieuw podium dat beter geschikt, de Nobel. Het poppodium de Qbus moet dan maar wijken. Ze kunnen dan de programmering overnemen als de Qbus geen gelden meer ontvangt om te kunnen blijven draaien.

Een argument tegen dit idee kan zijn: laat beide podia bestaan opdat er concurrentie blijft. De twee podia kunnen elkaar dan proberen af te troeven op programmering. Dat kan dan de programmering kwalitatief beter houden en de inzet van beide podia verbeteren. Dit is een simpel denken van het marktwerken. De VVD, een liberale partij, lijkt in dit geval te stellen dat het al beslecht is.

Drijven op overheidsgelden

In dit geval kan de VVD diens standpunt hard maken. Het is verdedigbaar dat omstandigheden het poppodium tot een onhoudbare kostenpost maakten. De sluitingstijden waren zo vroeg dat het de bar omzet drukte bijvoorbeeld. Jammer dan, einde verhaal, zo stelt de VVD. Maar kan er zo over een cultureel centrum worden geoordeeld?

Wat maakt een poppodium tot een succes? Dat het veel geld oplevert (of de overheid niet al te veel kost)? Gaat het in het geval van culturele centra niet eerder om toegevoegde waarde? Het feit dat er een plek is waar bepaalde cultuur de ruimte krijgt zou het doel moeten zijn. Hoeveel bier er vervolgens doorheen gaat is minder belangrijk.

De sluizen open zetten

Toch blijft de vraag die als titel van dit artikel staat onbeantwoord. Want hoe ver mag je gaan bij het steunen van culturele centra? Onvoorwaardelijke steun nodigt uit tot nalatigheid. Bovendien, hoeveel poppodia heeft een stad werkelijk nodig?

Het is de vraag of alle poppodia werkelijk een uniek karakter hebben. Is er op elke straathoek een poppodium nodig? Vaak worden juist soortgelijke avonden geboekt en is men ook bereid er voor te reizen. Het kan dan tot frustratie leiden, waar twee acts met eenzelfde doelgroep tegelijkertijd geprogrammeerd staan.

Gelijk de omroepverenigingen

Zo ontstaat er een situatie vergelijkbaar met die van de omroepverenigingen enkele jaren geleden. Veel omroepverenigingen hadden aan kleur ingeboet. Het eigen geluid was verruild voor formats en spelshows. Het was in een eigen cultuur verzand geraakt en de veelheid aan verenigingen was minder kleurrijk.

Om een poppodium de nek om te draaien omdat het niet rendabel genoeg is, daar spreekt een radicaal marktdenken uit. Tegelijkertijd moeten we nadenken over of het cultuur ten goede komt als door vrijgevigheid een wildgroei aan culturele centra ontstaat.

Lees ook het artikel Qbus verdeelt Leidse politiek in het Leids Dagblad.

Afbeelding: Loungedown (in de Qbus) via Compfight cc

Claudia Pietryga
Claudia deed zowel een sociaal-agogische als journalistieke opleiding en is alweer bijna tien jaar freelance journalist. Ze schrijft het liefste over maatschappelijke onderwerpen en publiceerde onder meer stukken in de Flair, Hallo Jumbo, Spits, Het Parool, diverse blogs, lokale bladen en uiteenlopende (online) media voor met name ondernemers.
0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *