Intimiteit met Christus

Julianne van Norwich (1342-ca.1416) was een intelligente en eigenzinnige vrouw die op dertigjarige leeftijd een visioen van goddelijke liefde kreeg. Het visioen vormde haar tot mystiek theologe en mystagoge: zij leidt (agein) ons binnen in het geheim (mustèrion) van de ziel en van God.

Het visioen is als een fijn geslepen diamant, opgebouwd uit de grondstof van Gods liefde, waarin aspecten van de God-menselijke liefdesintimiteit geslepen zijn: Zie hoe ik je liefheb (Julianne, 8.20). Woorden schieten tekort om deze dieptedimensie van de godservaring te communiceren. De godservaring kan alleen door God zelf aan de mens gegeven worden.

Alles komt goed

Haar Visioen is in het Nederlands vertaald met de titel Alles komt goed, waarin een eschatologisch perspectief doorklinkt. Julianne’s visionaire inzicht in onze intimiteit met Christus is doordesemd met dit eschatologisch perspectief. Christus wil de mens nabij zijn, ons leed meedragen, verzachten en in vreugde omzetten. Hij zag van ieder het leed, de eenzaamheid en de angst, en maakte deze in zijn liefde en medelijden tot de zijne. En nu Hij verrezen is en niet meer kan lijden, lijdt Hij toch nog met ons mee. (Julianne, 8.20).

In de Passie, de lijdende Christus, openbaart zich een intimiteit van compassie, waarin het verdriet van ieder mens verzacht mag worden. Toen zag ik dat, benevens de deugd van naastenliefde, ook elk natuurlijk elan dat de ene mens doet meevoelen met de andere, Christus is in deze mens. En ik vond in dit medelijden van Christus dezelfde zelfvergetelheid die ook zijn Passie kenmerkt, in al haar vormen terug. Dit medelijden moet in dubbele zin begrepen worden. Er is ten eerste het geluk waar wij naartoe gebracht worden, en waarin Hij wil dat we ons verheugen. En vervolgens moet zijn medelijden ons leed verzachten. Hij wil immers dat we beseffen dat we trouwens niets, maar ook niets helemaal alleen moeten doormaken, maar alles steeds samen met Hem. (Julianne, 13.28)

Goddelijk medelijden

Julianne’s mystagogie geeft steun in het dragen en verwerken van lijden door ons in aanraking te brengen met een goddelijk medelijden dat luisterend in ons aanwezig is en in dit luisteren ons verdriet draagt. Spirituele en mystieke teksten geven woorden aan een existentiële ervaring van compassie die reeds als een mysterie verborgen in ons aanwezig is. Spirituele tradities willen ons bemoedigen vertrouwen te geven aan die verborgen goddelijke intimiteit.

Het is niet van belang welke traditie toegang geeft tot deze intimiteit, omdat het niet gaat om de overdracht van een geloofsinhoud maar om een vertrouwen dat gewekt en verinnerlijkt wordt. Het vertrouwen zal geleidelijk een grondtoon vormen waardoor de zingeving of zinvinding van ons bestaan geworteld kan worden in het innerlijk en verborgen mysterie.

De smaak van stilte

Wat Julianne beschrijft vanuit een visionair perspectief dat vertrouwen wil geven in de meedragende, verzachtende kracht van Christus’ passie, vertelt Bieke Vandenkerckhove (1969) vanuit haar ervaring. Zij beschrijft dit in De smaak van stilte. Bieke was negentien jaar toen ze de diagnose A.L.S. kreeg met een beperkte levensverwachting. Toen ze veertig was heeft ze haar ervaringen met de mystagogische werking van de benedictijnse monastiek en de boeddhistische zen opgeschreven.

Haar zingeving is ontstaan doordat zij zich heeft durven toevertrouwen aan de richtingwijzers die deze monastieke tradities haar aanreiken, zowel door stilte als met woorden. ‘Na een verschrikkelijke worsteling met de broosheid van dit bestaan, belandde ik op een punt van puur, eenvoudig, naakt, overvloedig en louter zijn. Vraag mij niet hoe. Ik kan er geen zinnig woord over zeggen. De vrijheid die in dit zijn opengaat is even onbegrensd als de kracht die het in mensen loslaat. Op dit merkwaardige punt terechtgekomen had ik echt het gevoel alles aan te kunnen.’ (Vandekerckhove, 140-141).

In haar innerlijkheid ontdekt Bieke een compassie die haar wezenlijk ontroert en zegent. Zij spreekt over deze ervaring niet vanuit de christelijke maar vanuit de zenspiritualiteit; niet over Christus’ zien van ieders leed, eenzaamheid en angst, maar over het luisterend hart van een Boddhisattva. ‘De Soetra Dharani van de grote mededogende spreekt over het ‘ingaan tot het hart dat luistert’. Elke keer dat die Soetra gezongen wordt, ontroert het mij weer. ‘Dat ik mag ingaan tot dit hart dat luistert. Het is van alle zingeving de volheid, grond en loutering van al wat leeft.’ Zo ervaar ik dat ook.

Grenzeloze solidariteit

Wie afdaalt in het eigen hart, ontdekt op de bodem daarvan dit luisterende hart dat de ‘grond’ is van al wat leeft. En de ontdekking van dit hart dat luistert, van die grenzeloze solidariteit op de bodem van ons eigen hart, is in feite niets anders dan het besef van onze fundamentele armoede en kwetsbaarheid. De ervaring dat we ten diepste allemaal ‘naakt en berooid’ én tegelijk ‘gezegend’ in het leven staan.’ (Vandekerckhove, 80-81). De zen traditie, waarin het mededogen met alles wat leeft en lijdt centraal staat, brengt tot het ontwaren van een omvattend eschatologisch perspectief. ‘Het perspectief van zen dat alles gered wordt, zelfs gered is, tot en met de laatste kiezelsteen, heeft mij diep getroffen. Er is een genade waar niemand uit valt.’ (Vandekerckhove, 80-81). Deze genade is een compassie, een mededogen en medelijden waarvan niemand en niets uitgesloten is.

In de ervaringen van Julianne en Bieke zijn gelijke theologische grondtonen herkenbaar die hun spiritualiteit, hun gelovig vertrouwen en zinvinding, richting geven: Christus’ passie en compassie, het luisterend hart van een Bodhisattva, de eschatologie dat in het weefsel van de gehele schepping een liefdevolle compassie is ingeweven. Binnengeleid worden in het geheim van de ziel; ons innerlijk is een intimiteit die luistert, ontfermt, ontroert, zegent, kracht en vertrouwen geeft dat de kwetsbare levensweg begaanbaar is.

Dit artikel is geschreven door Petra Galama, (Remonstrants) geestelijk verzorger Amphia Ziekenhuis te Breda. Deze tekst is ontleend aan mijn proponentspaper ‘Kwetsbaar verlangen: mystagogische oriëntering in de geestelijke verzorging.’

Bronnen:

  • Gerda Valkenborgh, Alles komt goed: Julian van Norwich’ visioenen (Kampen: Kok, 1994).
  • Bieke Vandekerckhove, De smaak van stilte: Hoe ik bij mezelf ben gaan wonen (vijfde druk, Utrecht: Ten Have, 2011).

Bezinningsbijeenkomsten mystieke tekstlezing: www.spiritwijs.eu

Dissertatie: Behold_How_I_Love_You (PDF)

AdRem
Dit artikel verscheen eerder in AdRem. AdRem is het maandblad van de Remonstranten.
0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *