Inclusief: Gay Pride Kerkdienst

Harmen Brethouwer – Ik heb al zeker een jaar geen kerk bezocht. Tenminste, niet voor een zondagsdienst. Als ongelovige heb ik er niet echt wat te zoeken, dan wel te vinden, vind ik. Maar mijn nieuwsgierigheid doet me zo nu en dan op onchristelijke tijden opstaan om met gelovige vrienden mee te gaan.

Toen een vriendin zei dat ze de Gay Pride Kerkdienst in de Keizersgrachtkerk wilde bezoeken, werd mijn interesse direct gewekt. Net als ik heeft ze niet veel op met de Canal Parade die de zaterdag ervoor plaatsvond: “Het is tegenwoordig een soort Koninginnedag met overal roze in plaats van oranje!” Mijn kritische houding werd versterkt toen ik op weg naar de homodienst op de Magere Brug mijn achterband lekreed op gebroken glas, achtergelaten door feestgangers. Grote feesten met veel rommel zijn niet bijzonder in Mokum. Maar zo’n dienst, dat leek me een ander verhaal.

Mijn vermoeden bleek te kloppen. De begane grond zat vol, het eerste balkon halfvol. Ik gok dat er zo’n 300 mensen waren, waarvan de meesten homoseksueel, aldus mijn op scherp staande gaydar. Studentenpredikant Ranfar Kouwijzer heette de aanwezigen welkom in de kerk. Met nadruk voegde hij eraan toe: “Omdat het niet vanzelfsprekend is, zeg ik het nogmaals: welkom in de kerk.” Korte stilte. Oei, dat kwam aan, zelfs bij deze hetero.

 Een cameraploeg van SBS Shownieuws filmde Arie Boomsma, die Filippenzen 2:1-18 voorlas. Het thema van de dienst was ‘On the move’. God bewoog van hemel naar de aarde en weer terug, door als Jezus mens te worden en te sterven, aldus een voorganger in zijn toespraak. Nu beweegt God door ons heen, wat leidt tot eensgezindheid en liefde. Om die te verspreiden en perfectioneren, is volgens Paulus bescheidenheid en dienstbaarheid richting God en mensen nodig. Geldingsdrang en eigenwaan kunnen die echter in de weg staan. Met enige zelfspot zei de voorganger – zelf gay – dat homo’s soms behoorlijk ijdel kunnen zijn en mede uit onzekerheid de neiging hebben zich steeds te profileren. Daardoor raakt de ander ondergesneeuwd, terwijl we die juist de ruimte moeten geven. Zijn laagdrempelige maar bevlogen toespraak leverde hem een applaus op.

 De muzikale omlijsting van de dienst was erg divers. Een lied als ‘Kom tot ons, scheur de heem’len, Heer’ uit het jaar onzes Heren 1666 werd gevolgd door het melancholieke ‘Droomland’, mooi gezongen door Irene Hemelaar, directeur van ProGay. Tijdens het aansteken van kaarsen en de voorbede klonken twee Taizé-liederen. Toen Hemelaar de volkse kraker ‘We benne op de wereld’ inzette, sloeg de meditatieve sfeer abrupt om. Ook de daarop volgende meezinger ‘De Mallemolen’, een Songfestivalliedje uit 1977 over de draaimolen des levens, bleek bij velen bekend – ja, clichés blijken soms te kloppen. Zo kreeg de dienst alsnog een uitgesproken Gay Pride-sfeertje.

De dienst van de Protestantse Kerk Amsterdam (PKA) verschilde in veel opzichten van een gemiddelde zondagse samenkomst in den lande, en dat kwam niet alleen door de jolige meezingers. Veel kerken staan in principe open voor homo’s, maar proberen ze niet actief binnen te halen. En áls ze binnen zijn, wordt hen subtiel of minder subtiel duidelijk gemaakt dat ze niet helemaal deugen, bijvoorbeeld door hen bepaalde kerkelijke functies te ontzeggen. De boodschap: voor God zijn alle mensen gelijk… de een alleen wat meer dan de ander. Gedeeltelijke oorzaak is het door veel christenen gehanteerde uitgangspunt ‘Hate the sin, love the sinner’ – Haat de zonde, heb de zondaar lief.

Dat klinkt misschien sympathiek, maar werkt niet in het geval van homoseksualiteit. Daar ben ik van overtuigd. Seksuele oriëntatie kan niet worden losgekoppeld van de persoon; de praktijk suggereert dat geaardheid geen keuze is en bij de meeste mensen bovendien niet te genezen, noch door henzelf te negeren valt. Het is alsof je zegt: Haat linkshandig schrijven, maar heb de linkshandige lief. De radicale inclusiviteit die de homodienst van de PKA daarentegen uitstraalde, sprak me enorm aan. Hier waren homo’s niet alleen welkom, maar ook volledig gelijkwaardig, iets dat alleen al duidelijk sprak uit de rol van de voorganger. De dienst ontroerde ook. Als je weet dat de meerderheid van de aanwezigen te maken heeft met discriminatie in kerken en daarbuiten, puur om wie ze zijn, dan kun je je indenken hoe zo’n warm welkom moet voelen.

Toch hield deze dienst het wij-zij-denken zelf ook niet helemaal buiten de deur toen Boomsma ons middels de voorgelezen bijbeltekst opriep “onberispelijke kinderen van God” te zijn “in een verdorven en ontaarde generatie”. Ironisch genoeg termen waarmee veel mensen naar homo’s verwijzen. Maar als we de genoemde ‘generatie’ interpreteren als het fel homovijandige volksdeel dat het op deze kwetsbare minderheid heeft voorzien, dan is het een veroordeling waar ik eigenlijk wel achter kan staan.

Zo heel bijzonder is de Gay Pride Kerkdienst nu ook weer niet, want elke laatste zondag van de maand is er in de Keizersgrachtkerk een Evangelische Roze Viering.

Claudia Pietryga
Claudia deed zowel een sociaal-agogische als journalistieke opleiding en is alweer bijna tien jaar freelance journalist. Ze schrijft het liefste over maatschappelijke onderwerpen en publiceerde onder meer stukken in de Flair, Hallo Jumbo, Spits, Het Parool, diverse blogs, lokale bladen en uiteenlopende (online) media voor met name ondernemers.
0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *