“In Syrië zou ik nu dood zijn”

Ahmad en Banan zijn beiden student bouwkunde aan de Universiteit van Damascus als in 2011 de oorlog in Syrië uitbreekt. Twee jaar later krijgen ze een relatie, om nog geen zes maanden daarna alweer gescheiden te worden. Ahmad vlucht uit Syrië voor zijn plicht om het regeringsleger van President Bashar al-Assad in te gaan. Op dat moment wist hij één ding zeker, terugkeer naar Syrië betekent zijn dood.

Ahmad en Banan wonen allebei nog bij hun ouders als de oproep door Assad’s leger voor Ahmad steeds realistischer wordt. In hun nog prille relatie zijn ze al vaak van elkaar gescheiden geweest. Soms was de situatie in Damascus zo gevaarlijk dat ze elkaar helemaal niet konden zien. Banan: “Ik woonde in een gevaarlijke buurt. Tanks reden langs mijn huis, één keer bereikten schoten onze voordeur. Dat was heel eng. Mijn ouders, broer, zus en ik hebben een maand lang binnen in huis gezeten. Naar buiten gaan was te gevaarlijk. Zodra de mogelijkheid er was zijn we bij daglicht naar een andere buurt in het centrum van Damascus gevlucht. In deze tijd kon ik Ahmad ook niet zien. Ik kan bijna niet aan deze periode terugdenken, het was echt moeilijk.”

Bestemming onbekend

In 2014 wordt de kans voor een oproep door het regeringsleger zo realistisch dat Ahmad besluit te vluchten. Hij hoopt in Nederland te eindigen, waar een vriend op hem wacht. Om de kans te vergroten dat ze herenigd zullen worden trouwen ze op papier, in het bijzijn van een Imam. Banan: “Mijn moeder wilde perse dat ik een trouwfeestje kreeg. Terwijl Ahmad al in Nederland was heeft mijn moeder een klein feestje met mij gevierd, met trouwjurk. Dat vond ik heel lief van haar.”

Ahmad’s reis begint in het scheepsruim van een schip op weg naar Griekenland. Het laatste stukje op een klein rubberbootje met ruim dertig anderen. Na angstige momenten te beleven op het water, wordt het na aankomst op een Grieks eiland pas echt onzeker. Ahmad: “Toen we aankwamen wisten we niet waar we waren. Na een dag zonder eten en drinken rond te hebben gelopen, trof de politie ons aan. Hij bracht ons naar de haven en na twee dagen kregen we papieren om naar Athene te gaan.” Hij ontmoette iemand die een vals paspoort kon regelen en uiteindelijk bereikte hij Nederland. “Ik ben meteen naar een vriend gegaan om bij te komen van de reis, ik was mentaal en lichamelijk uitgeput. Na drie dagen heb ik Asiel aangevraagd in Ter Apel, waar alle vluchtelingen die net binnenkomen in Nederland in eerste instantie heen gaan.”

Wachten, wachten en nog eens wachten

Sinds Ter Apel is Ahmad in een periode van anderhalf jaar vijf keer overgeplaatst naar een ander Asielzoekerscentrum in Nederland. Het laatste half jaar samen met Banan, die met een visum vanuit Libanon naar Nederland kwam. Ahmad zat toen in een AZC in Katwijk. Ze konden samen op één kamer. De badkamer en keuken moest met andere vluchtelingen uit het AZC gedeeld worden. Ahmad: “Vooral de tijd zonder Banan in het AZC was erg moeilijk. Het is zwaar om nooit privacy te hebben en alles te moeten delen, binnen een kleine ruimte. Je weet niet waar je aan toe bent. Elke keer informeer je bij het COA (Centraal Orgaan Opvang Asielzoekers) of er al meer bekend is over het verloop van de procedure, maar steeds is het antwoord ‘we weten nog niks’. Het enige dat je kunt doen is wachten. Een maand? Een jaar? Geen idee.”

Banan: “Toen ik ongeveer een half jaar in het AZC zat kregen we Nederlandse les in Den Haag. Dit vonden we heel erg leuk. Eindelijk weer iets om te doen! In het AZC ben je vooral aan het wachten en hoop je op meer duidelijkheid, maar echt iets doen, dat kun je daar niet. We gingen met veel plezier naar de lessen toe en daarna soms naar de markt in het centrum van Den Haag. In november 2015 hebben we een huis toegewezen gekregen in Delft. We waren nu officieel statushouders en zo blij. Eindelijk wat meer zekerheid en onze privacy weer terug.”

Statushouder

Om Ahmad en Banan wegwijs te maken als statushouders hebben ze een DelftseBuur buddy. Zij helpt niet alleen met praktische zaken, maar is ook een luisterend oor. Banan: “Wij zijn heel blij met haar. Ze doet heel veel voor ons, denkt met ons mee en we raken nooit uitgepraat. De buddy: “Het is een wisselwerking. Ahmad en Banan zijn heel enthousiast en actief. Laatst vroegen ze bijvoorbeeld mijn hulp met Nederlands leren. Omdat ik maar een paar uur per week kom, gaf ik ze de tip om Nederlandse TV te kijken. Dat deden ze al, maar ze zouden er graag ondertiteling bij hebben. Dan help ik ze zoeken naar een oplossing. Die hulp waarderen ze ontzettend en als ik dan een week later vraag ‘lukt het met de ondertiteling?’ Dan krijg ik als antwoord ‘ja hoor, die gebruiken we al’. Kijk, dat maakt het leuk. Banan: “Zij heeft ons ook op vrijwilligerswerk gewezen. Daar hebben we veel plezier in, zo leer je de cultuur kennen en geef je iets aan anderen.”

Om in Nederland het studeren weer op te kunnen pakken moeten Ahmad en Banan eerst een schakeljaar doen. Hiervoor is een bepaald niveau Nederlands vereist. Dat niveau hebben ze bijna bereikt. Nog één spannend examen. Ahmad wil graag bouwkunde weer oppakken, net als in Syrië. Banan zou het liefst Interieur design willen studeren. Ahmed: “We zijn heel blij met de kansen die Nederland ons biedt en voelen ons hier welkom. We zijn actieve personen en proberen iets van de situatie te maken en onze dromen na te jagen. Zo zijn we actief met Syriërs, maar ook met lokale mensen door onder andere vrijwilligerswerk en onze buddy. Dat is heel leuk.” Banan vult hem aan. ‘’Ik voel me een Delftenaar. Het is hier echt gezellig. Ik voel me hier thuis.’’

Zwaard van Damocles

Ahmad en Banan zijn nu twee jaar statushouder. Dat betekent dat hun situatie over drie jaar opnieuw beoordeeld wordt. Als de situatie in Syrië verbeterd is, is er kans dat ze terug moeten. Ahmad: “Dit is de onzekerheid waar we mee moeten leven en waar Banan en ik dagelijks aan denken en met elkaar over spreken. Wat als ik terug moet? Ook al zou de oorlog over zijn in Syrië, dan ben ik bij terugkeer nog steeds ten dode opgeschreven zolang Assad aan de macht is. En niet alleen Assad’s regering, maar ook de oppositie ziet mij als deserteur. Ook het Nederlands leren, het schakeljaar, de studie die dan nog niet is afgerond. Waar doe je het dan voor? Alles zou voor niets zijn geweest.”

Ahmad droomt ervan om zijn diploma bouwkunde te halen zodat hij iets terug kan doen voor Nederland. Ook willen ze graag kinderen, maar ze wachten bewust vanwege de kans dat ze terug moeten naar Syrië. Ahmad: ‘’De komende drie jaar, in afwachting van herbeoordeling van het statushouderschap, zijn spannend. We kijken daarom ook maar niet al teveel vooruit.” Banan vult aan: “Wij willen heel graag een leven opbouwen. Hier zijn we veilig en hebben we een toekomst. We waren gelukkig in Syrië. Als er nooit oorlog zou zijn geweest kiezen we zonder twijfel voor Syrië. Dan zouden we aan ons land willen bijdragen. Maar nu voelt Nederland ook wel een beetje als ons land. Nederland geeft ons zo veel.”

Elice Sijbrandij
Elice Sijbrandij is freelance marketing- en communicatiespecialist. Haar interesses liggen op het gebied van levenskunst, gedrag en pedagogiek. Een quote die bij haar maatschappelijke visie past is ''Leer kinderen hoe ze moeten denken, niet wat ze moeten denken.'' Margaret Mead.
0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *