God ontmoeten (2)

Marga Haas denkt aan de hand van Johannes 11:1-6 en 17-44 na over of God alleen te ontmoeten valt in stilte, weg van de veelheid.

Twee zussen

Marta en Maria. Twee zussen. Hun broer Lazarus is net overleden. Vorige keer schreef ik over de ontmoeting van Marta met Jezus. Nu is het de beurt aan Maria. Want als Marta terugkomt in het huis na haar gesprek met Jezus, fluistert ze haar zus in het oor dat hij haar buiten het dorp opwacht. Maria staat meteen op en gaat naar hem toe.

Het niemandsland

Maar ze komt niet alleen. In het huis van de zusters is het druk, want naar goed gebruik komen alle buren en kennissen langs om de nabestaanden te troosten. Maria kan niet ongezien het huis verlaten. De menigte bezoekers loopt achter haar aan, in de veronderstelling dat ze naar het graf van haar broer gaat om daar te weeklagen. Daar moeten ze bij zijn. Maar Maria gaat niet naar het graf. Maria verlaat het dorp en gaat naar de plek waar haar zuster eerder Jezus ontmoet heeft. De plek buiten het dorp, buiten de bebouwde kom. De heilige ruimte van het niemandsland.

Bezoedeld door de menigte

Jezus is niet van zijn plek geweken en ziet Maria komen. Maar ze komt niet alleen. Achter haar aan loopt een menigte. Woede bevangt Jezus’ geest en alles in hem is in verwarring. Déze plek, apart gehouden voor de ontmoeting van de ene mens met de andere, van een mens met God, wordt bezoedeld door de aanwezigheid van de menigte. De menigte, dat is de veelheid van dingen, die onze stilte, onze heilige ruimte bezetten. De veelheid van dingen die ons afleiden, die ons naar buiten gericht doen zijn, die onze aandacht verstrooit, die ons alle kanten op doen kijken behalve de Ene kant.

Vrij van veelheid

Als je God wilt ontmoeten, dan moet je jezelf vrij maken van die veelheid. Gedachten, zorgen, beelden, plannen, ideeën, verwachtingen – ze staan de ontmoeting met God in de weg. Je kunt ze niet meenemen naar de heilige ruimte. Je moet eraan voorbij. Alles wat afleidt laten voor wat het is. Er niet mee in gesprek gaan, er niet uitgebreid naar kijken. Als je op zoek bent naar dat niemandsland, naar die leegte, zul je alles wat zich aandient moeten zien, waarnemen – even. En het daarna loslaten en eraan voorbijgaan. Zodat je zonder de veelheid van dingen die je ziel bezet, de leegte kunt betreden en je kunt richten op de Ene.

Dat deze zomer vol mag zijn van dergelijke lege plaatsen en tijden!

Bij Johannes 11:1-6 en 17-44

 

Afbeelding: carolyntiry via Compfight cc

Marga Haas
0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *