God niet onderworpen aan de wetten van de logica

‘Wat wij toeval noemen, is misschien de logica van God,’ is een uitspraak van de Franse schrijver Georges Bernanos. Aan hem moet ik denken als ik de Lachende Theoloog lees, die in zijn artikel ‘Logisch denken is spierballentaal’ zegt dat God geen lichaam heeft en overal is: God hoeft zichzelf dus niet te onderwerpen aan een logisch regime om te kunnen handelen. De logische denkwijze vindt de theoloog zelfs beperkend.

Lachende Theoloog Jan Riemersma gaat in op een filosoof van wie hij de naam niet noemt (waarom moet ik aan Emanuel Rutten denken?) die ervan overtuigd is dat de logische wetten geldig zijn in het gehele multi- of universum, want de filosoof beweert dat wij uitspraken kunnen doen die universeel geldig zijn.

Wie is er dan zo onbescheiden dat hij meent de gehele werkelijkheid te kennen?

De theoloog vraagt zich af hoe de filosoof weet dat de logische wetten overal geldig zijn. Omdat je ‘logisch sluitend kunt afleiden dat God bestaat‘, wat Rutten eens schreef? Of omdat Rutten stelt dat de wereld een regelmatige structuur heeft en dat onderzoek van de wereld uiteindelijk alles aan het licht zal brengen?
De filosoof zal op zijn beurt benieuwd zijn hoe de theoloog meent te weten dat God geen lichaam heeft en overal is. Waarschijnlijk zal de theoloog zeggen dat dat logisch is. 

En het kan nog erger: hij (de filosoof, pd) is er zelfs van overtuigd dat de logische wetten aan God voorschrijven waar Hij zich aan houden moet. De redenering is eenvoudig: de logische wetten gelden altijd en overal, dus gelden zij ook voor God (a propos: waaruit volgt dat mensen een pijnlijk nauwkeurige, logisch correcte beschrijving van God moeten geven; als dat niet mogelijk is, meent de filosoof, dan kan God niet bestaan).

Volgens Riemersma stoelt dit ‘bijgeloof’ op een verkeerde voorstelling van zaken, omdat wíj het zijn die de werkelijkheid ordenen. Dat wij logisch denken heeft volgens de theoloog alles te maken met de inrichting van ons eigen lichaam en niets met de inrichting van het ‘gehele’ universum zoals de filosoof abusievelijk gelooft.

Ergo: het vermoeden van de meeste mensen, namelijk dat de werkelijkheid vreemder en ingewikkelder is dan wij kunnen begrijpen, is zeer waarschijnlijk juist (alhoewel er natuurlijk een minieme kans is dat de werkelijkheid wél een algehele logische inrichting heeft). Wij zijn horig aan de noden van het lichaam: de logische denkwijze is een beperking.

Zie: Logisch denken is spierballentaal (De Lachende Theoloog)

Paul Delfgaauw
0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *