Erfenis Europa (7) – Geduld

De joodse traditie kent de gewoonte een geestelijk testament op te stellen, waarin iemand kenbaar maakt wat hij of zij belangrijk vindt om aan de volgende generaties door te geven. Een prachtige traditie. Welke legaten zijn de moeite waard om in dat testament opgenomen te worden? Christiane Berkvens-Stevelinck, em. hoogleraar Europese cultuur aan de Radbouduniversiteit Nijmegen, schreef er een boek over: Erfenis Europa. Toekomst van een stervende zwaan (Skandalon 2012).

Maxima enim est hominum semper patientia virtus
Geduld is immers de grootste deugd van de mens

Catonis Disticha 4e eeuw voor Christus

Echt de grootste?
Een van de bekendste Romeinse gezegdes hemelt het geduld op als de grootste deugd van de mens. Deze uitspraak, die ten onrechte aan de schrijver Cato de Oude toegekend werd, is een volkswijsheid uit de vierde eeuw voor Christus. Aan actualiteit heeft ze niet ingeboet. Toch rijst de vraag of geduld niet ook overdreven kan worden. Te veel geduld kan van dwarse kinderen onhandelbare kinderen maken. Te veel geduld voor de eigen tekortkomingen kan van mijzelf een onuitstaanbaar wezen maken. Geduld moet gedoseerd worden. Anders slaat het om in laksheid of gelatenheid.

Zonder geduld echter verwordt opvoeden tot dwang. Zonder geduld kan niemand viool leren spelen, capriolen op de skateboard onder de knie krijgen of wetenschappelijk onderzoek verrichten. Voor alles wat geleerd moet worden, is geduld nodig.

Engelengeduld en monnikenwerk
Middeleeuwse monniken die in hun scriptoria ­­- schrijfateliers – handschriften kopieerden en verluchtten, moesten wel over engelengeduld beschikken. Acht uur per dag, volgens de regel die Benedictus in de zesde eeuw instelde, hoorden monniken te werken. Ora et labora, het motto van het kloosterleven, verdeelde de dag volgens een vast ritme: acht uur bidden, acht uur werken, en, godzijdank, ook acht uur slapen. Dankzij de kloosters en hun scriptoria bleven de teksten uit voorgaande eeuwen bewaard. Kopiisten schreven de teksten over, miniaturisten zorgden voor illustraties. Met engelengeduld.

Een bezoek aan Ierland kan niet compleet zijn zonder een bezoek aan Trinity College in Dublin. Daar, in de prachtige oude bibliotheek, wordt het Book of Kells getoond, een van de mooiste handschriften uit de Middeleeuwen. Waar en wanneer het vervaardigd is, blijft een onderwerp van felle onenigheid tussen specialisten. Meest aannemelijk is dat Ierse monniken het rond 800 vervaardigden. Wat het Book of Kells uniek maakt, is de Keltische stijl van de illustraties. Men herkent er de geometrische tekeningen in, de vervlechtingen van lijnen, de decoratieve vormen die eigen zijn aan de Keltische kunst. Toen Ierse monniken vervolgens kloosters op het continent kwamen stichten, namen ze hun Keltische inspiratie mee. Via hen verwierf de Ierse kunst in de Middeleeuwen een vooraanstaande plaats in Europa. 

La vie devant soi
Trailer op www.erfeniseuropa.nl, hoofdstuk 6 

Wie geen geduld kon opbrengen, noch voor het leven noch voor de dood, was de joodse Frans-Litouwse schrijver Romain Gary, een van de beste Franse schrijvers uit de vorige eeuw. Om zijn critici in verwarring te brengen publiceerde hij onder meerdere pseudoniemen. In 1954 had hij al de Prix Goncourt gewonnen, de hoogste Franse literaire onderscheiding, die een schrijver slechts eenmaal kan ontvangen. Twintig jaar later, in 1975, won een volstrekte onbekende, een zekere Emile Ajar, de Goncourt met La vie devant soi – het leven voor zich -, het aangrijpende verhaal van Madame Rosa, een joodse oud-prostituee, die in Parijs een tehuis voor kinderen van prostituees runt. De ouderdom valt haar zwaar, ze wordt afhankelijk en kan dat niet verdragen. Een van haar pupillen, de jonge Momo, een tienjarige Noord-Afrikaans jongetje dat ze met geduld en liefde opgevoed heeft, blijft haar in haar laatste jaren trouw. Met engelengeduld verdraagt hij de grillen van de oude vrouw. Geduld wordt met geduld beloond.

Pas bij de dood van Romain Gary in 1980 bleek dat hij en de onbekende prijswinnaar een en dezelfde persoon waren. Ajar was slechts de dekmantel van een man die het ouder worden als een catastrofe beschouwde en zelf een einde aan zijn leven maakte. Zowel Gary als Ajar betekent in het Russisch: iets dat brandt. Van ongeduld.

Amper twee jaar na verschijning van het boek bracht de Israëlische cineast Moshe Mizrahi het verhaal op het witte doek onder de titel Madame Rosa. Het werd een groot succes en kreeg een Oscar, dankzij de onvergetelijke rol van Simone Signoret als Madame Rosa (DVD 1977).

 

Christiane Berkvens - Stevelinck
0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *