‘Door hem hou ik meer van de kerk’

Cees Veltman – Uitgerekend atheïst Alain de Botton weet overtuigend voor het voetlicht te brengen wat mooi en sterk is aan godsdiensten: gemeenschapsgevoel en troost voor het leed dat leven heet. VolZin brengt in hun laatste nummer het gedachtegoed van de Britse filosoof in kaart en wat het in de praktijk voor ongelovigen en gelovigen betekent. 

De een vindt dat De Botton religie terugbrengt tot ‘niet meer dan levenskunst’. Bovendien zou De Bottons kijk op gemeenschapsgevoel wel erg romantisch zijn. De ander prijst juist de frisse kijk die deze seculiere buitenstaander op religieuze instituten heeft: ‘Door hem ga ik meer van de kerk houden. De Botton is verplichte kost voor theologen.’

Verplicthe kost
Religie voor atheïsten is een heerlijk boek, vindt Hans Schoorlemmer, rooms-katholiek pastor in Kampen, na een door hem georganiseerde, drukbezochte discussieavond over de Britse filosoof.“Vooral interessant voor religieuze zoekers, ook de theologen onder hen, omdat hij terugkeert naar wat mooi en sterk is aan kerkelijke rituelen en naar wat christendom, islam, jodendom en oosterse godsdiensten te bieden hebben.
De Botton heeft een zonnige kijk op kerken en haalt er het mooiste uit. Zoals het christendom ooit het beste haalde uit het heidendom, zo haalt hij het voor atheïsten uit religie.”
Het nieuwe aan De Bottons opvattingen noemt Schoorlemmer diens pleidooi voor tempels voor perspectief, bespiegeling en beschermgeesten. “De Botton vindt het prachtig dat er in de kerk geen rangen en standen bestaan. Het is er niet zoals op recepties waar je, als je geen gewenselijk antwoord weet op de vraag: ‘Wat doe je’, opeens in je eentje bij de pinda’s staat. Door hem ga ik meer van de kerk houden. Dit boek zou verplichte kost moeten zijn voor theologiestudenten.”

Burgerlijke ideologie
Eric Corsius – verbonden aan de vereniging Scala, een initiatief van de redemptoristen – zegt dat ieder verstandig mens kennis moet nemen van De Bottons ideeën. Hij prijst diens pogingen om mensen met elkaar te verbinden en de pedagogische rol van religie voort te zetten. “Het gevaar is alleen dat hij religie terugbrengt tot heel dagelijkse dingen en tot een soort tegeltjeswijsheid. Zo kun je niet boven het dagelijkse uitstijgen. Zo kom je niet uit bij wat Kierkegaard omschreef als religieus besef, namelijk dat wij mensen altijd ongelijk hebben ten opzichte van God. Dat mis ik bij De Botton.

Hij wil wel groei en ontplooiing maar daagt niet uit tot engagement, radicaliteit. Niet tot een heilzame onrust vanuit het besef dat we als mensen op achterstand staan ten opzichte van het grote geheim en dat we nooit uitgesproken zijn daarover. Er blijft altijd iets over dat we niet kunnen verklaren. Als je dat niet beseft, dreigt het gevaar van intolerantie ten opzichte van andersdenkenden. Dan blijf je steken in een burgerlijke ideologie en haal je de angel uit religie. Dan breng je religie terug tot levenskunst om jezelf goed te voelen.

Zijn nadruk op het gemeenschapsgevoel vind ik nogal romantisch. Voegt gemeenschap inderdaad zoveel toe als hij denkt? Hebben Levinas, Barth en Kierkegaard niet gelijk als ze zeggen dat we als mens uiteindelijk eenzaam in de kosmos staan? Het gemeenschapsdenken kan dat toedekken.” Corsius ziet de Britse filosoof toch als een bondgenoot, ook omdat hij de vervlakkende cultuur bekritiseert: “We zoeken samen hoe we het leven goed kunnen krijgen en van het cynisme kunnen afkomen.”

Bron: Volzin juli 2012

Claudia Pietryga
Claudia deed zowel een sociaal-agogische als journalistieke opleiding en is alweer bijna tien jaar freelance journalist. Ze schrijft het liefste over maatschappelijke onderwerpen en publiceerde onder meer stukken in de Flair, Hallo Jumbo, Spits, Het Parool, diverse blogs, lokale bladen en uiteenlopende (online) media voor met name ondernemers.
0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *