Dialoog en de Gaza-oorlog

Pieter Dronkers kijkt terug op zijn tijd in Israël als coördinator van het Nes Ammim Centrum voor Studie en Dialoog en weegt de voorwaarden en mogelijkheden van dialoog en actie.

Voortdurende spanningen

In de zomer 2014 leiden de voortdurende spanningen rondom Gaza tot een geweldsexplosie. Raketten vanuit Gaza komen tot aan Tel Aviv en het Israëlische leger voert verwoestende bombardementen uit op de Gazastrook. Ik woon op dat moment in Nes Ammim, een dorp en conferentieoord in het noorden van Israël. Het feitelijke geweld in en om Gaza is ver weg, maar de hoogopgelopen spanningen zijn overal voelbaar: over het hele land ligt een deken van achterdocht en haat. De kloof tussen Joodse en Palestijnse Israëli’s lijkt dieper dan ooit. ‘Dood aan de Palestijnen en hun linkse vrienden’, lees je op spandoeken en internet. Demonstraties worden neergeslagen en Palestijnen worden opgejaagd door de straten van Jeruzalem. Op een avond arriveert bij ons in Nes Ammim een bus met Joodse toeristen. Een van de ramen is gebarsten. De bus is bekogeld toen het door een Palestijns-Israëlisch dorp reed. 

In conferentieoord Nes Ammim, dat we met een groep Europese vrijwilligers runnen, ontvangen we toeristen en commerciële groepen. Met onze winst en met steun van Europese kerken en donateurs financieren we het verblijf van lokale dialooggroepen die ontmoetingen tussen Joden en Palestijnen organiseren. Tijdens de oorlog annuleert een aantal van die organisaties hun activiteiten. Deelnemers willen niet komen omdat ze niet met de vijand aan tafel willen. Dat zou voelen als verraad aan de eigen groep. En inderdaad, na al het geweld kun je je afvragen of dialoog nog zin heeft. Ik denk van wel, maar dan moet wel aan een aantal basisvoorwaarden voldaan worden. 

Voorwaarden van dialoog

Ten eerste, dialoog zonder gedeeld belang is verspilde moeite. Alle partijen moeten het gevoel hebben dat ze iets te winnen hebben. Hier gaat het vaak mis. Een voorbeeld: sommige Joodse Israëli’s willen graag weten wat Palestijnen van de Israëlische politiek vinden, maar niet alle Palestijnen willen dat uitleggen: die willen samen actie ondernemen tegen onrecht. Een verschil in belangen is het recept voor wederzijdse teleurstelling. Vaak gaat het ook wel goed: bijvoorbeeld wanneer Joodse en Palestijnse ouders ervaringen uitwisselen nadat een van hun kinderen door het conflict is omgekomen. Ze staan elkaar bij in de omgang met woede en verdriet.

Een tweede vereiste voor een geslaagde dialoog is de gelijkwaardigheid van de gesprekspartners. De meeste Palestijnen in de Westbank weigeren om aan tafel te gaan zitten met de Israëlische bezetter. De redenatie is dat de dialoog de bezetting maskeert en zo de machthebbers in de kaart speelt. Voor Palestijnen met een Israëlisch paspoort geldt dat ze in ieder geval in theorie gelijke rechten hebben als Joodse burgers van Israël. Dan blijkt het gesprek nog steeds heel lastig, maar het startpunt is in ieder geval gelijkwaardiger.

Verder zijn duidelijke definities van het gespreksonderwerp en -doel van belang: hoe concreter hoe beter. Een dialoog die de wereldvrede wil bewerkstelligen is niet heel zinvol. Maar het kan ook anders. Een van de dialooggroepen die afgelopen zomer ondanks de oorlog wel bij elkaar kwam was een club van Joodse en Palestijnse pubermeiden die in dezelfde stad woonden. Ze ervoeren dagelijks de wederzijdse spanningen en onbegrip en wilden juist daarom van elkaar weten hoe ze tegen de situatie aankeken. Dat leverde ingewikkelde maar uiteindelijk goede gesprekken op, omdat zowel het doel als ook het belang voor alle deelnemers hetzelfde was.

Dialoog en bereidheid zijn te luisteren

Ook de bereidheid om te luisteren is essentieel. Vooroordelen over de ander en de groep waar zij of hij deel van uitmaakt moeten even geparkeerd worden. Misschien blijken ze waar. Misschien ook niet. Dat blijkt pas achteraf. Daarbij kan de term ‘dialoog’ behoorlijk in de weg zitten. Het begrip suggereert van meet af aan het bestaan van twee partijen die met elkaar in gesprek zouden kunnen gaan. In de praktijk blijkt dat vaak onjuist: meestal laten groepen zich niet in twee partijen opdelen en dan blijken er vaak ook nog eens verrassende raakvlakken te bestaan. Wat te denken van die Joden in Israël die hun wortels in Marokko, Irak of Egypte hebben. Die spraken van huis uit Arabisch, net als de Palestijnen. En een orthodoxe jood en een orthodoxe moslim hebben soms meer overeenkomsten in hun manier van leven dan seculiere en strenggelovige Joden hebben. 

Luisteren alleen is niet genoeg. Je moet ook een verhaal durven vertellen over wie je zelf bent, waar je zelf staat en waar jij zelf in gelooft. Dialoogwerk betekent dus niet alleen ontmoetingen op touw zetten, maar net zo goed het bevorderen van zelforganisatie en zelfkennis. Wat houdt de Palestijnse identiteit in? Wat betekent het om Jood te zijn? Dialoog mislukt als vooral de ander aan het woord is, omdat je zelf niet zo goed weet wat je moet zeggen.

Gedeeld belang, gelijkwaardigheid, heldere en concrete doelen, luistervaardigheid en een sterk ontwikkelde eigen identiteit. Als aan deze voorwaarden wordt voldaan dan kan dialoog wel degelijk leiden tot onderling begrip en respect. Uiteraard hoef je deze vaardigheden niet perfect te beheersen: het is ook wat je leert tijdens de ontmoeting. Uiteindelijk is dialoog ook: jezelf beter leren kennen door de ontmoeting met de ander. 

Actie

Hoe nuttig ook, tijdens de gevechten in en om Gaza begon ik ook in te zien dat dialoog niet altijd de meest vruchtbare manier is om wederzijdse ontmoeting vorm te geven. Echt met elkaar in gesprek gaan blijft in sommige situaties heel lastig. Een van onze partnerdialoogorganisaties organiseerde daarom in Jeruzalem een solidariteitsmars tegen de oorlog en herdacht alle slachtoffers. Zowel Joden als Palestijnen deden mee. 

Indrukwekkender nog vond ik een gebedsbijeenkomst van joden, moslims en christenen in het voormalig niemandsland tussen Oost- en West-Jeruzalem. Drie religieuze leiders baden op eigen wijze voor vrede. Een dialoog is het niet, maar wel een daad van symbolisch verzet: een krachtig statement van mensen die het vechten en het onrecht moe zijn en verlangen naar respect en vrede.

Het geweld om en in Gaza was ook in Nederland aanleiding voor debat en verontwaardiging. De situatie leidde tot diepe verdeeldheid. Ook hier werd opgeroepen tot dialoog, maar eveneens werden andere vormen van ontmoeting ingezet, zoals het samen publiekelijk uitspreken in woord, daad en gebed van een verlangen naar vrede, veiligheid en rechtvaardigheid. En ook het gezamenlijk uiting geven aan solidariteit met alle slachtoffers. Die solidariteit met mensen die vermalen worden in dit conflict en met mensen van goede wil is minstens zo essentieel als het blijven zoeken van de dialoog. 

Dit artikel is geschreven door Pieter Dronkers. Hij was van 2012 tot en met 2014 coördinator van het Nes Ammim Centrum voor Studie en Dialoog, nu predikant in de Remonstrantse Gemeente Utrecht.

AdRem
Dit artikel verscheen eerder in AdRem. AdRem is het maandblad van de Remonstranten.
0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *