De vrije wil en de Lamme/Swaab – connectie (3)

Over ‘de vrije wil’ is eindeloos veel geschreven. Het is een dankbaar thema waar wetenschappers zich graag over buigen. Recentelijk kwamen Victor Lamme en Dick Swaab met publicaties waarin zij het bestaan van de vrije wil op wetenschappelijke gronden in twijfel trekken.  Auteur Helen Knopper verdiepte zich in hun visies en becommentarieert in 3 afleveringen de inzichten van Victor Lamme en Dick Swaab over ‘de vrije wil’.  Vandaag het laatste 3e deel waarin zij pleit voor de keuzevrijheid die mensen hebben.
Klik hier om deel 1 te lezen.
Klik hier om deel 2 te lezen. 

 

We hebben de keus

Veel mensen ervaren het leven, om welke reden dan ook, als een kwelling. Voor hen is het dag in dag uit vechten tegen de bierkaai. Dan is het alleen nog een kwestie van tijd dat ze compleet gestressed raken. Op die overspannen toestand volgt dan vaak een burn-out en als die uitmondt in een depressie, komen ze tot niets meer. Wat een depressie kenmerkt is niet zozeer somberheid als wel gebrek aan levensvreugde. Kan het erger? Niet veel erger als er niets meer is wat blij maakt. Deze mensen zijn met recht te beklagen.

Maar hen verwijten dat zij niets met hun leven doen omdat zij, volgens eigen zeggen, ‘er de zin niet van inzien,’ is moraliseren, en dat mag niet. Ons laatdunkend uitlaten over andermans gedrag, als dat niet spoort met onze persoonlijke opvattingen over wat goed of sociaal gedrag is, komt in alle lagen van de samenleving voor. Want de moraalridder in ons begint zich te roeren wanneer het mensen betreft, die niets met hun leven doen omdat zij liever lui dan moe zijn; die liever van een afstandje toekijken dan zich ergens voor inzetten en het werk aan anderen overlaten, maar zelf, iets wat nooit wordt toegegeven, een doelloos bestaan leiden, om dan onuitgepakt het graf in te gaan. (Vrij naar Matth. 25 vers 24-31). In bovengenoemd hoofdstuk staat de ‘Gelijkenis van de talenten’.

Wat de neurowetenschappers Victor Lamme en Dick Swaab ter verbreding van hun kennis zouden kunnen doen, is Mattheus 25 vanaf vers 14 tot en met vers 28 eens duchtig doorlezen. Het handelt in deze namelijk om de vrije wil iets te doen of iets niet te doen, dus om het bestaan van keuzevrijheid – wat uit de Gelijkenis blijkt. Helaas is het niet erg waarschijnlijk dat onze neurowetenschappers na lezing hun standpunten zullen herzien. Verstrikt geraakt als ze zijn in hun fundamentele denken, zou dat immers neerkomen op een wonder.

Wij mogen niet over mensen oordelen, zo staat geschreven in de Bergrede. Ze veroordelen mag al helemaal niet. Maar daarom mogen we er wel een mening op na houden; iemand erop aanspreken als hij zijn medemens kwalijk bejegent. Zouden we nooit onze mond opendoen, dan steunen we de ander in zijn zwakheid en daar is m.i. niemand mee geholpen. Jezus wond er geen doekjes om. Maar wij hebben de keus: ons talent ongebruikt laten en verlies lijden of ermee woekeren tot het winst opbrengt. Ieder mens heeft iets waar hij goed in is, ofte wel: ieder mens bezit een -uniek- talent. Wat u kunt, kan niemand anders. Wat u kunt doen, krijgt een imperatief mee: Doe het!

Martin Luther King deed het, al moest hij het met zijn leven bekopen. Gandhi, die ongeschoeid door heel India liep en het ganse volk achter zich kreeg, deed het. Het schijnbaar onmogelijke doen, dat is wat zij deden. Wie dat heden ten dage nog doen, zij het met alle risico’s van dien, zijn Aung San Suu Kyi, de Dalai Lama en anderen van dezelfde intentie. Niet elk mens is een hoogvlieger, maar het minste betekent niet het geringste. Ook in onze eigen omgeving is genoeg te doen; meer dan we dachten, meer dan we voor mogelijk hielden

Helen Knopper
0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *