De schelpen van Mireille

Als ik op vakantie ben, ga ik op zoek naar schelpen. Sint Jacobsschelpen. Ik zoek die niet zozeer in restaurants of aan de kust, maar juist in warme, droge binnenlandse, veelal Zuid-Europese streken, hoewel ook in Thorn (Zuid-Limburg) enkele te vinden zijn. Het zijn de schelpen die de route markeren van de pelgrimsweg naar Santiago de Compostela.

Mireille Madou
De tick van het schelpenzoeken heb ik overgehouden aan colleges die ik destijds in Leiden volgde bij dr. Mireille Madou (Brugge, 1931). Zij bracht als Vlaamse de Spaanse middeleeuwse kunst en cultuur naar de noordelijke Nederlanden, en voor de velen die die colleges bezochten moet er toen een wereld zijn open gegaan. Kunst uit de Spaanse middeleeuwen was in die tijd nauwelijks bekend bij een groter publiek; met kunst uit Spanje werden vooral de gevestigde namen van Velázquez, Dalí en Picasso geassocieerd. Mireille Madou’s onderzoeksinteresses
– heiligeniconografie, in het bijzonder die van de apostel Jacobus de Meerdere en de geschiedenis van het middeleeuwse kostuum – kon zij goed kwijt in haar passie: cultuur en geschiedenis van de pelgrimsroute naar Santiago de Compostela.

In 1981 was de kandidaats-collegereeks van Mireille Madou gewijd aan de kunst langs de Spaanse kant van die route, de Camino de Santiago. De lessen op de vroege woensdagochtend hebben bij mij een blijvende fascinatie voor Spanje losgemaakt. De enthousiaste en enthousiasmerende manier van college geven van Mireille Madou heeft daartoe zeker bijgedragen. In die colleges liet zij haar gehoor niet alleen kennismaken met de beeldende kunst, maar ook met de contemporaine literatuur en vooral ook met de muziek. Als je de collegezaal binnenkwam werd je steevast verwelkomd door middeleeuwse muziek.

Onderweg naar Santiago
In 1986 was Mireille Madou mede-oprichter van het Nederlands Genootschap van Sint Jacob, waarvan zij thans ere-lid is. In Museum Catharijneconvent te Utrecht is naar aanleiding van het zilveren jubileum van dit genootschap een project gestart over de eigentijdse traditie van het pelgrimeren. Als opmaat naar de tentoonstelling die daarvan onderdeel uitmaakt is er het boek Onderweg naar Santiago. Een camino van kunst, cultuur, legenden en verhalen. Het is een herziene en vermeerderde uitgave van een eerdere Camino de Santiago-monografie door Mireille Madou. Zij stelt dat men die weg het best kan leren kennen door er nog andere culturele elementen aan toe te voegen: de verhalen en de legenden. ‘Ze verrijken de eeuwenoude weg met een verrassende en boeiende dimensie.’

Daniëlle Lokin, studiegenoot van weleer en actief bestuurslid van het Nederlands Genootschap van Sint Jacob, maakte een groot aantal van de foto’s die Onderweg naar Santiago illustreren. Zij ging op weg met heel precieze aanwijzingen van Mireille Madou over de details waarvan zij een afbeelding wilde hebben. De tentoonstelling die dit najaar in Museum Catharijneconvent wordt geopend krijgt een catalogus, die door Daniëlle Lokin wordt verzorgd. De tentoonstellingsbezoeker zal letterlijk in de voetsporen van een pelgrim treden. De route naar Santiago wordt vanuit diverse invalshoeken belicht: historisch, religieus, spiritueel en cultureel. ‘De weg naar Santiago eindigt […] in Compostela. Wie verder wil gaan moet de weg van de sterren volgen en deze leidt naar de bodemloze zee aan het eind van de aarde, Finisterre.’

Vier routes, één weg
In Frankrijk bevinden zich de beginpunten van vier wegen die naar het graf van de apostel Jacobus in noord-west Spanje leiden. Die vier wegen vertrekken alle vanuit een heiligdom: de basiliek van Maria Magdalena in Vézelay, het graf van Sint Martinus in Tours, het Maria-bedevaartsoord in Le Puy-en-Velay en de kerk van Saint-Gilles-du-Gard. In Frankrijk worden de wegen aangeduid als chemins de Sint Jacques. Bij Puente-la-Reina, in noord-oost Spanje, vlak over de Spaans-Franse grens, komen zij samen, en van daaraf spreekt men van de Camino de Santiago. De stad Santiago de Compostela dankt zijn naam dus aan de apostel, die de beschermheilige van heel Spanje is geworden. De schelp is zijn symbool, en pelgrims hebben dat teken overgenomen.

Sinds de negende eeuw al is de weg een bedevaartsweg, en vooral in de middeleeuwen was hij zeer populair. De laatste vijfentwintig jaar is hij succesvoller dan ooit, wat gezien de vergaande staat van secularisatie van de hedendaagse maatschappij misschien wel een wonder mag heten. Maar voor de meerderheid van de moderne pelgrim gaat het niet meer alleen om een lange voettocht vol ontberingen naar het graf van een heilige. Begrippen als ‘tot jezelf komen’, ‘leeg worden’ en ‘sabbattical year’ spelen nu ook een rol om te besluiten op weg te gaan. En natuurlijk de kunst die men onderweg in ruime mate aantreft. De kunst langs de weg is voor velen een doel op zich geworden.

Stilte  en traditie
Wat is er nu zo bijzonder aan die oude pelgrimsroute dat zo velen, onder wie ook leden van de remonstrantse gemeente Doesburg, het plan hebben opgevat (een deel van) die weg te gaan lopen? Deels ligt dat natuurlijk in het wandelen zelf. Dat is ontspannend, je bent buiten, en het is gezond om te lopen. En met z’n allen zo’n lange afstand lopen schept een hechte, onverbrekelijke band. Wie lange wandeltochten maakt heeft vast wel eens de ervaring gehad dat de stilte op een gegeven moment allesomvattend is geworden. De geluiden uit de natuur vallen nauwelijks meer op en zijn haast onderdeel van de stilte geworden. Als je zoiets ondergaat in de indrukwekkende natuur van de Spaanse Sierra’s, of in de Franse Cévennen, dan komen die indrukken des te meer aan, lijkt het wel. Als je dan bovendien beseft dat je een eeuwenoude route loopt die voor de duizenden en duizenden reizigers door de eeuwen heen een louterende weg moet zijn geweest om een heilig doel te bereiken – tsja, dan krijgt de tocht een extra dimensie, en wandel je niet meer ‘slechts’ in de natuur, maar ook in de traditie en in de geschiedenis.

Marijke Tolsma
Coördinator Seminarium

Mireille Madou en Daniëlle Lokin (fotografie), Onderweg naar Santiago. Een camino van kunst, cultuur, legenden en verhalen, Zwolle/Utrecht/Leuven [Uitgeverij Waanders/Museum Catharijneconvent/Davidsfonds] 2011.
ISBN 978-90-400-7736-4.

Vanaf  15 oktober 2011 tot en met 26 februari 2012 is in Museum Catharijneconvent te Utrecht de tentoonstelling Onderweg naar Santiago de Compostela te bezoeken

Bron: Adrem juli 2011

Claudia Pietryga
Claudia deed zowel een sociaal-agogische als journalistieke opleiding en is alweer bijna tien jaar freelance journalist. Ze schrijft het liefste over maatschappelijke onderwerpen en publiceerde onder meer stukken in de Flair, Hallo Jumbo, Spits, Het Parool, diverse blogs, lokale bladen en uiteenlopende (online) media voor met name ondernemers.
0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *