De machteloze vluchteling

De Radboud Universiteit organiseerde op 24 maart het Filosofisch Festival met als titel “… en da’s niet eerlijk!”, waar eerlijkheid als thema centraal stond. Een verslag in twee delen. In dit eerste deel het verhaal van Nanda Oudejans over “grenzen en ongelijkheid in relatie tot vluchetlingen.”

Het trekken van de grens

Oudejans grijpt het – op dat moment zeer actuele – asielplan van Azmani aan, waarin wordt opgeroepen de buitengrenzen van Europa te sluiten. Dit wordt gepresenteerd als rechtvaardig door de VVD. Oudejans verzet zich hiertegen. Opvang in de regio doet zij bijvoorbeeld, in tegenstelling tot de VVD, af als onrechtvaardig. Zij stelt dat dergelijke opvang geen kans op een nieuw leven biedt, maar dat een vluchteling daar enkel bezig is te overleven.

Een ander idee dat zij aanvalt is dat “hoe meer vluchtelingen er komen, hoe meer onze identiteit en wie wij zijn wordt aangetast, ontwricht raakt en bedreigd wordt”. Dat valt volgens Oudejans wel mee, “sterker nog, wanneer wij vluchtelingen opvangen rekken wij niet de grenzen op, maar wij trekken en bevestigen opnieuw de grens.” Zij stelt dat het opvangen van vluchtelingen niet onze identiteit ontwricht, maar dat dit juist zelfbevestigend werkt.

Fundamentele ongelijkheid

Oudejans stelt dat het is “vanwege die zelfbevestiging dat er sprake is van een fundamentele ongelijkheid tussen ‘wij’, die de vluchtelingen ontvangen, en de vluchtelingen.” Deze ongelijkheid manifesteert zich op drie manieren, die vervolgens behandeld worden.

Allereerst behandelt Oudejans in dit verband een stelling van Hannah Arendt:

“Hannah Arendt heeft vlijmscherp ingezien dat wij niet gelijk worden geboren, zoals mensenrechten veronderstellen, maar dat wij gelijk worden gemaakt door lief te zijn voor een politieke gemeenschap. Wij zijn gelijken onder elkaar. Dat betekent dat wij gelijk worden door elkaar rechten en plichten toe te kennen.”

Als gevolg hiervan worden er grenzen getrokken, tussen een ‘ons’, en wat ‘niet-ons’ genoemd kan worden. Op het eerste gezicht onschuldig, maar het kan wrang worden. Wat als er mensen “van buiten naar binnen willen”? Enkel zij die al binnen zijn besluiten dan of de mensen die er bij willen horen toegelaten worden. Het zijn dus ook degenen die binnen zijn die de grenzen trekken, het maakt de buitenstaander machteloos.

Ze moeten op ons lijken

Oudejans staat nog verder stil bij deze machteloosheid. Wil een vluchteling worden toegelaten, dan moet hij een “geloofwaardig asielverhaal” te vertellen hebben. Waar moet zo’n verhaal dan aan voldoen? Het is niet een verzameling vinkjes, stelt Oudejans, al is dat misschien op papier wel zo. Het gaat veel meer om geloofwaardigheid. “We moeten jouw verhaal als vluchteling geloven”, legt Oudejans uit, en dat hangt eigenlijk maar van één ding af: de vluchteling moet op ons lijken, wij moeten onszelf in de vluchteling kunnen herkennen.

Aan de hand van onderzoek van Thomas Spijkerboer, stelt Oudejans dat je als vluchteling om – zoals de IND dat formuleert – onze bescherming te verdienen moet voldoen aan “onze normatieve vooronderstellingen. Je moet voldoen aan ons ideale beeld van wie of wat een vluchteling is.” Als voorbeeld haalt Oudejans het idee van “gepaste emotie” aan, waar een vrouw die vertelt over de dood van haar zoon in haar land van herkomst niet geloofd wordt als ze daar koeltjes over spreekt noch wanneer zij daar hysterisch over vertelt.

We willen ons eigen verhaal horen

Naast de machteloosheid en het mandaat te voldoen aan ons beeld van de vluchteling, behandelt Oudejans haar derde punt: “In plaats van hun eigen verhaal, willen we vooral ons verhaal horen. Vluchtelingen ontwrichten helemaal niet wie of wat wij zijn. Integendeeld, de ontvangst van vluchtelingen is zelfbevestiging van wij wij zijn. De grens wordt niet opgerekt. De grens wordt juist opnieuw gelegd.”

Hoe vertaalt zich dat dan in praktijk? Het levert een dualisme op, een beeld van de goede vluchteling enerzijds, waarin wij onszelf herkennen. Anderzijds levert het ons een beeld op van de “malafide vluchteling, die ons bedreigt en bedriegt en misbruik maakt van de asielprocedure omdat hij hier alleen is gekomen vanwege economische motieven. Hij bevestigt ons niet, maar brengt ons in gevaar.”

Oudejans voegt hier nog een verdrietig staartje aan toe, van de vluchteling die eigenlijk nooit klaar is met zichzelf te bewijzen. Zelfs al komt hij binnen, dan nog zal hij zich volgens Oudejans altijd moeten blijven bewijzen: “Juist omdat hij de ‘goede’ vluchteling is zullen wij op onze hoede blijven en kan de vluchteling zich geen misstap veroorloven.”

Voorzichtig met grenzen omgaan

Aan het eind van haar betoog roept Oudejans op tot voorzichtigheid:

“Het is juist om deze ongelijkheid, vanwege deze ongelijkheid, waarin wij alle macht hebben en de vluchteling geen, dat wij in plaats van te roepen dat grenzen dicht moeten en er niemand meer binnenkomt, er misschien beter aan doen om voorzichtig en omzichtig met onze grenzen om te gaan. We doen er beter aan om onze grenzen met prudentie en omzichtigheid te openen en te sluiten in plaats van te roepen dat er geen asielzoeker meer binnen komt.”

Foto: Nanda Oudejans tijdens haar presentatie in de Waag.

Het Filosofisch Festival is een samenwerking tussen de Faculteit Filosofie, Theologie en Religiewetenschappen en het Soeterbeeck Programma van de Radboud Universiteit.

Lucas van Heerikhuizen
Lucas van Heerikhuizen is afgestudeerd als master in de godsdienstwetenschappen. Momenteel is hij werkzaam als webdeveloper en WordPress docent. Tevens is hij actief als redacteur voor Zinweb.
0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *