De Islam en de arme ridders van Christus

Moderne kruisvaarders moeten Europa ‘opnieuw’ redden van het islamitische spook. Om dat te bewerkstelligen richt de Noorse schutter Anders Breivik in 2002 in Londen met acht kompanen een nieuwe Orde van Tempeliers op. Hij zegt zijn inspiratie te ontlenen aan de kruisvaarderorde uit de Middeleeuwen. Maar wie waren de Tempeliers?   

Klopt hun historische rol wel met de fantasieën over een nieuwe Orde die de politieke en militaire macht moet afpakken van de West-Europese multiculturalistische regimes? De oprichters van de nieuwe tempelorde hebben als doel om een West-Europese verzetsbeweging te zijn, waarvoor ze zelfs gebruik maken van de historische Latijnse naam: Pauperes commilitones Christi Templique Solomonici (PCCTS). Letterlijk vertaald staan deze woorden voor ‘de arme ridders van Christus en de tempel van Salomo’. Het lijkt op het eerste gezicht niet meer dan een kwajongensgrap om de tempelridders van toen weer eens van stal te halen om ‘de verraders van nu’ te berechten en te straffen. De Orde van de Tempeliers is per slot van rekening in het leven geroepen ten tijde van de eerste kruistochten met als taak het Heilig Graf tegen de moslims te beschermen. Het zou anders uitpakken. De Tempeliers zouden respect krijgen voor de spirituele islam.

Allereerst was het anti-islamisme geen vrijwillige keuze van de Tempelridders, maar van de pauselijke zetel. Voor de kruisvaardersmissie werden vaak mensen gerekruteerd die nog nooit een moslim hadden gezien. Berooide edellieden die iets op hun kerfstok hadden werden van straat geplukt en kregen de kans hun zonden schoon te wassen door Jeruzalem te beschermen. Negen Franse ridders hebben in 1118 de gelofte van armoede, zuiverheid en gehoorzaamheid afgelegd. Ze droegen een witte mantel met een rood tempelkruis. Hun officiële doel was het helpen van armen en zieken, maar al sinds 1136 gingen ze zich meer richten op de strijd tegen de moslims. In Jeruzalem ten tijde van de eerste kruistocht moeten er een kleine 2500 Tempeliers zijn geweest. Naar schatting groeide het ledental rond 1300 in West-Europa uit tot een kleine dertigduizend. Het werd in de twaalfde eeuw op de Heilige Stoel na de rijkste en machtigste instelling binnen het christendom.

Omstreeks 1306 verheugde de Tempel zich in de speciale aandacht van Philips de Schone. Hij was eerzuchtig en had weinig clementie met wie hem daarbij in de weg stond. Zo had hij naar verluidt de moord op de Pausen Bonifatius VIII en Benedictus XI op zijn geweten. In 1305 heeft hij zijn marionet Clemens V op de pauselijke zetel gezet. Philips had dringend geld nodig en de tempelschat heeft hem doen watertanden. Tempeliersgrootmeester Jacques de Molay werd in de val gelokt. De beschuldigingen: verloochening van Christus, loslaten van de kerkelijke leer, schandalisering van het Kruis, afgoderij, beoefening van zwarte kunst, homoseksualiteit en pederastie. Nadat hij door Clemens V in de ban was gedaan, werd De Molay in 1307 op de brandstapel ter dood werd gebracht.

Dankzij bezittingen, mankracht, diplomatie en oorlogsexpertise had de orde enorme politieke en militaire macht. Het verhaal doet echter de ronde dat de Tempeliers een geestelijke omwenteling hebben doorgemaakt door hun contacten met joden en moslims. Zowel joden, christenen als moslims bleken gezamenlijk lid te zijn van de lichtbroederschap van Ormoez, die verdraagzaamheid en tolerantie voorstond. De tempelridders kregen een zekere mate van vertrouwelijkheid in de omgang met de moslims. Met hen hadden ze destijds verdragen gesloten om het Heilige Land in invloedssferen te verdelen. Het eerdere anti-islamitische sentiment werd omgezet in een betekenisvolle dialoog met de moslims. Clemens V hief de Orde in 1312 op. In de loop der eeuwen zijn er tientallen informele Tempeliersordes ontstaan met soms nobele, soms minder zuivere doelstellingen.

Volgens de legende heeft kruisvaarder Robin Hood zijn moslimbroeder Saladin zelfs meegenomen naar Engeland. Ridder Robin Hood vocht met zijn moslimbroeders tegen onrecht. Hij beschermde mensen tegen uitbuiting en armoede. Robin Hood en De Molay hebben gemeen dat ze het conflict met kerk en staat aangingen vanwege mensenrechten. De Tempelridders kregen door hun contact met joden en moslims een schat aan spirituele en esoterische kennis. Ze stonden aan de basis van het religieus-humanisme en de interreligieuze dialoog. Wie meent de kruisridders aan zijn kant te vinden om de islam te bestrijden maakt een historische vergissing.         

Rinus van Warven
0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *