De eerste IVF-moeder

Deze maand overleed Lesley Brown, de eerste IVF-moeder ter wereld, op 64-jarige leeftijd. Op 25 juli 1978 werd haar dochter Louise wereldnieuws. Ik weet nog dat ik de foto zag op de voorpagina van de krant en in het damesblad dat mijn moeder las. Een baby uit een reageerbuis, ik kon het nauwelijks bevatten en het liet me niet meer los. 

In de berichtgeving rond haar overlijden prijzen artsen en commentatoren Lesley’s vastbeslotenheid,  moed en doorzettingsvermogen. IVF-moeders uiten hun hun vreugde dat zij dankzij de moed van hun wegbereidster kinderen hebben gekregen.

Dat er nauwelijks kritische geluiden klinken, vind ik bijzonder. Ik herinner me de heftige bezwaren die geuit werden toen de technologie voet aan de grond kreeg. Van de kerk tegen het ‘voor God spelen’; van feministen dat vrouwenlichamen weer op een nieuwe manier in mannenhanden kwamen; uit de hoek van de kritische theorie dat het medisch systeem zich weer op een nieuwe manier meester maakte van het leven, van cultuurcritici dat mensen het aanvaarden zouden verleren. En dat was niet vreemd. Hoewel iedere technologische doorbraak in het verleden wel op weerstand stuitte, was het met deze doorbraak toch anders. Vruchtbaarheidstechnologie stelt ons nou eenmaal voor grotere vragen dan andere technologieën. Over onze mogelijkheden om in te grijpen in de oorsprong van het leven en de verantwoordelijkheid die dat met zich brengt. En over het leven zelf, dat voor sommigen ‘heilig’ en voor anderen ‘onaantastbaar’ is. Grote woorden, hevige debatten.

Ondanks het protest raakte IVF ingeburgerd. De vraag naar het ‘of’ verschoof naar het ‘hoe’. Discussies gingen niet meer over God of heiligheid, maar over schaarse middelen, medisch-technische mogelijkheden, commerciële belangen, rechten en verzekeringen. Zulke discussies lopen nog, bijvoorbeeld over draagmoederschap, eiceldonatie, de carrière-opbouw van vrouwen en leeftijdsgrenzen om voor vergoeding in aanmerking te komen. Bij tijden nog steeds hevig, maar met minder grote woorden.

Toen miste ik iets. Niet de grote woorden, maar wel de grote vragen. Geen vragen die grote woorden of sweeping statements behoeven, geen antwoorden die bij voorbaat vaststaan, maar vragen die ingaan op het leven in de wereld die door Lesley Brown geopend is. Als je aanvaardt dat IVF en verwante technologieën hier zijn en blijven, wat verandert er dan aan ons en aan de manier waarop wij onze levens gestalte geven? Als nieuwe technologieën geen grenzen stellen, maar juist steeds grenzen verleggen, wordt dat dan de norm? En wat gebeurt er dan met een oud, maar nu omstreden woord als ‘aanvaarden’? Want al staat IVF tegenwoordig te boek als een routinebehandeling, het is geen wondermiddel en niet iedereen die het probeert krijgt ook een kind. En daar hopen de vragen zich op. Hoe doen ze dat, de vrouwen (en mannen) die de kliniek verlaten zonder kind? Waar kunnen zij terecht? En wat zegt dat over ons en de manier waarop wij onze levens gestalte geven?

Sinds een tijdje krijg ik antwoorden. De discussies op tv, in kranten en vaktijdschriften hebben gezelschap gekregen van persoonlijke blogs en autobiografische verslagen. Verslagen van verlangen, hopen, pijn verbijten, medicijnen slikken, vernederende onderzoeken doorstaan, twijfelen aan je eigen lijf en onbegrip uit je omgeving incasseren. En soms het geluk van een zwangerschap die komt en blijft en uitmondt in de geboorte van een gezond kind. Soms ook niet.

Op internet en in real life worden plaatsen van bezinning geopend, vaak voor en door lotgenoten. Daar wordt ook gepraat over IVF. Niet ervoor, of ertegen, maar erover. Grote woorden zijn hier vrijwel afwezig, of het zijn woorden die grote emoties vertolken of persoonlijke antwoorden zijn op de grote vragen. Die antwoorden zijn vaak aangrijpend. Vooral op het scherpst van de snede, als er geen mogelijkheden meer zijn, of als het besluit valt dat het genoeg is geweest.  Precies het punt dat mijn ongemak veroorzaakte en mijn vragen opriep.

Een vrouw die het na ettelijke pogingen opgaf, schrijft in een blog: “Here I was, no more frozen embryos, no new plan in sight, I didn’t know what to do next. Then came the big question, when is enough, enough? I guess for me that day enough was enough. I decided to surrender and stop fighting. It was a hard thought, but for some reason it made sense. I didn’t know how my husband would react to this new thought, but my body just screamed “ENOUGH”. Today we both know that that day was the turning point for us! That was the minute of surrender! Accepting defeat, accepting that I couldn’t fight any more, was actually the beginning of our solution.” Steeds als ik zulke verslagen lees, ben ik vervuld van respect voor mensen die zo’n tegendraadse beslissing nemen. Tegen je eigen wensen ingaan. Niet meer zoeken naar nieuwe mogelijkheden of een laatste strohalm. Zelfs als er nog best een nieuwe, experimentele therapie mogelijk zou zijn… en onder ogen zien dat alles wat je hebt gedaan en gelaten voor niets is geweest. Dan is technologie uitgespeeld – en dan begint het.

Mijn eigen antwoorden zocht ik in rituelen. Als je de werkelijkheid niet meer kunt veranderen, kun je nog wel je eigen houding ten opzichte van die werkelijkheid veranderen. Die verandering van houding laat zich sinds mensenheugenis al uitdrukken in symbolen en rituelen, dus ook hier. En hier doet het pijn, juist omdat er zoveel mogelijkheden zijn om eerst te proberen de werkelijkheid te veranderen. Rituelen kunnen die pijn niet wegnemen, maar wel draaglijker maken.

Lesley Brown had geluk. Zij kreeg twee gezonde dochters met IVF. Die dochters hebben intussen heel wat ‘broers en zussen’. Maar zo gaat het niet altijd. En daarom blijft de grote vraag belangrijk, hoe wij in een bijna grenzenloze wereld omgaan met grenzen die  soms toch nog onontkoombaar zijn. En daarom blijven alle persoonlijke antwoorden op die vraag de moeite en de aandacht waard 

Literatuur:

Davelaar, Carine: Beschuit zonder muisjes. Boekscout, Soest, 2011

Kirejczyk, dr. Martha; dr. Dymphie van Berkel, dr. Tsjalling Swierstra: Afscheid van de ooievaar. Sociaal-historische en normatief-politieke aspecten van de ontwikkeling van voortplantingstechnologie in Nederland. Rathenau instituut, Den Haag, 2001

Kuil, Ingrid van der: Koningskinderen. Over ongewenste kinderloosheid, verlies en alsnog het geluk ervaren. Boekenboet, 2012

Pasveer, dr. Bernieke en Sara Heesterbeek: De voortplanting verdeeld. De praktijk van de voortplantingsgeneeskunde doorgelicht vanuit het perspectief van patiënten. Rathenau instituut, Den Haag, 2001

Uyterlinde, Judith: Eisprong. Een verhaal over liefde en het verlangen naar een kind. Mets & Schilt, Amsterdam, 2001

Blog over aanvaarding waaruit is geciteerd:
http://www.yourfertilitymatters.com/staying-open/

Blogs tijdens behandeling: 
http://eenbabygraag.blogspot.nl/

http://icsigirl.blogspot.nl/

http://femkegaatbammen.blogspot.nl/

https://ivfmeisje.wordpress.com/

Plaatsen van bezinning door en voor lotgenoten:
http://www.doorgevenzonderkinderen.nl/

 

Carola Kruyswijk
0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *