Column: Perron

Het is vaag als de mist. Alles is troebel. Alles is als een waas. Je hoort de geluiden van de stad. Dat wel. Je hoort het wel, maar je ziet alleen lichten en contouren van alles en iedereen. Zoals ik me voel. Weer een dag. Weer zo een dag. Een dag dat alles troebel is. Het is vaag als de mist. Column door Kalle Brusewitz.

Het is vol hier. Voller dan normaal. Drukte, vrouwen, kinderen, tassen, karren, dekens, ogen die dichtvallen. Er zijn mensen die hier nooit eerder waren. De mist verbergt ze niet. Ze dragen andere kleren, ze hebben ander haar. De bankjes zijn vol. Die mensen zitten hier al lang. Ze gaan niet naar hun werk, zoals ik. Daarvoor zijn ze te anders. Ik voel me zo troebel. De mist hangt om dit perron. Het hangt om mijn leven. Ik zie mensen die ik niet ken. Waar wachten ze op? Waar wacht ik op? Ik zie kinderen, ik zie mannen en vrouwen. Ik zie dekens en karren. Ik zie mist. Een heleboel mist.

Het is vaag als de mist. Een perron vol wanhoop in een stad op de grens van de hoop. Ze zijn er bijna. Waar wachten ze op? Waar zoeken ze naar? Het is vaag als de mist om dit perron. De geluiden van de stad zijn ver weg. De geluiden bieden geen hoop. Alle hoop vervaagt in de mist. Ik zie contouren van mensen met de wanhoop in hun ogen. Waar wachten ze op?

Ik kruip dieper in mijn jas. Een jas die zij niet hebben. Ik zie kinderen met blauwe vingers. Trillende lippen. De mist verbergt dat niet. De angst in de ogen. Waar wachten ze op? Kan ik ze helpen? Wat doen ze op dit perron? Wachten ze op iets anders dan ik? Waar willen ze heen? Ergens anders heen dan ik? Wat doet de mist? iets anders dan voor mij? Welke geluiden horen zij? Andere dan ik?

Het is vaag als de mist, maar eigenlijk is het glashelder. Alles is troebel maar de mist verbergt het niet. Ieder mens wil dat hun kinderen het beter krijgen dan zij. Dat is de mist op dit perron. Ik zie kinderen, dichtvallende ogen, blauwe vingers, hoop. Ik zie toekomst op dit perron.De geluiden van de stad zijn ineens schel en hard. De contouren scherp en helder. De mist trekt op. Ik zie blauwe vingers en dichtvallende ogen.

Ik ben Szoltan, 33 jaar en ik woon in Boedapest. Ik woon in een land dat oorlog kende. Mijn ouders zijn nooit meer over die oorlog heen gekomen. Maar ze hebben gevochten voor mij en voor mijn toekomst. Net als al deze mensen die vechten voor de toekomst van hun kinderen. Er is niets veranderd. Er is altijd ergens oorlog en er zullen altijd mensen zijn die vechten voor de toekomst van alles en iedereen die de oorlog overleeft, desnoods overleven ze dat gevecht zelf niet.

Dit perron is de grens van de hoop voor hen. Zij vechten en ik vecht mee. Trillende lippen en blauwe vingers. Ik geef ze mijn jas. En denk aan ze. Over 20 jaar staan zij ergens op een perron en geven ze hun jas, omdat ze weten hoe zij ooit op dit perron stonden en vochten. Zij weten hoe belangrijk hoop is. Voor iedereen op dit perron en op elk ander perron.

Photo Credit: Chris Devers via Compfight cc

Kalle Brüsewitz
Kalle Brüsewitz (soulchecker.nl) is afgestudeerd in de theaterwetenschappen en kunsteducatie en is werkzaam als freelancer op het gebied van journalistiek en kunsteducatie. Hij noemt zich SoulChecker en zoekt naar dat waar mensen zich geraakt door voelen; in kunst, politiek en religie. Ook werkt hij als coördinator in een Aanloopcentrum voor iedereen die behoefte heeft aan koffie en een praatje.
0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *