Carnaval

Carnaval vieren is voor mij onlosmakelijk verbonden met de 40-dagentijd voor Pasen. Die historische band is natuurlijk geen nieuws, maar qua beleving is het voor veel mensen toch wel de wereld op zijn kop.

Nu heeft het inderdaad alles met die ervaring te maken. Ik heb het hier niet over het hossen op hoempapa-muziek, laat staan de losbandigheid die we aan carnaval verbinden. Wie dat zoekt vindt met carnaval wel gelegenheid, maar zal daar niet op wachten. Ik roer hier een meer serieus onderwerp aan, al snap ik dat je juist dan niet zo serieus moet zijn. In dit stukje vier ik echter geen carnaval, maar neem ik een beetje afstand en kijk naar het waarom. Net als bij andere feesten zijn mensen zich het waarom van wat ze vieren niet altijd bewust en dat hoeft ook niet. Het is slechts een aardige wetenswaardigheid.

Waarom verkleden mensen zich bijvoorbeeld? Omdat ze het leuk vinden ja, maar het heeft oorspronkelijk te maken met een andere rol spelen om zo de alledaagse standsverschillen om te draaien. In diepere zin gaat het ook over je eigen persoontje afleggen. Daarmee wordt niet bedoeld dat je je in de verkeerde zin anders voordoet dan je bent, je dus achter een masker verbergt, maar dat je door je dagelijkse positie te parkeren van je privileges af ziet. Een burgemeester is even geen burgemeester meer (dat spelen we natuurlijk, maar toch), en een dominee met gevoel voor humor laat het hoge woord even over aan de nonsens verhalen van de buutredenaar. Eerlijk gezegd voel ik mij dat zelf als geboren Limburger op de kansel (in de buut) het hele jaar door!

Ernstige mensen houden niet van humor omdat de ernst het niet toelaat. Een goede grap speelt met woorden en ironiseert het leven om de betrekkelijkheid ervan in te zien. Dat helpt de ellende te verduren. Dit is een omkering met evangelische pretentie! Jezus preekte eenvoud in plaats van aanzien, dat de eersten de laatsten worden en de laatsten de eersten, en dat wie zijn leven verliest het zal behouden. Wie zich in boerenkiel hijst zou niet alleen moeten weten dat je dan veel lekkerder zingt, maar dat je dan ook even je dikke ik wegcijfert om als gelijkgezinden te kunnen vieren.

Wie zo carnaval viert wordt een vrolijker mens en tegelijk meer bewust dat je straks in de 40-dagentijd je vergankelijkheid en je sterfelijkheid gedenkt, voordat je überhaupt tot de grootste omkering van allemaal in staat bent: het vieren van Pasen! Je overgeven aan dat mysterie van het geloof gaat niet samen met eeuwige ernst. Alleen mensen kunnen zoiets ‘geks’ verzinnen en er nog in geloven ook, dieren niet. Net als lachen trouwens.

Evert van Gooswilligen (1958) is sinds 1991 hervormd predikant en werkt sinds 2002 in de Protestantse Gemeente Winterswijk
Info: www.pgwinterswijk.nl

Evert van Gooswilligen
0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *