De bijbel en geld

Heb je als Christen het recht om winst te maken? Moet je een groot deel van je inkomen weggeven voordat je een goede Christen kunt zijn? En wie zorgt er voor je als (dan) helemaal geen geld hebt? De bijbel en geld, het is een omstreden combinatie. Door Jantine Huisman

“Als de barmhartige Samaritaan alleen maar goede bedoelingen had gehad, maar geen geld, dan hadden we nooit van hem gehoord.”

Deze zin kwam ik tegen toen ik onderzoek deed naar de combinatie van bijbel en geld. Een zin, tussen vele, die mijn aandacht greep en niet meer losliet, want er zit een kern van waarheid in die niet valt te ontkennen. De barmhartige Samaritaan staat erom bekend dat hij een beroofde en mishandelde man niet aan de kant van de weg liet liggen, maar hem juist eerste hulp bood. Dit deed hij onder meer door onderdak voor hem te betalen:

33 Een Samaritaan echter, die op reis was, kreeg medelijden toen hij hem zag liggen. 34 Hij ging naar de gewonde man toe, goot olie en wijn over zijn wonden en verbond ze. Hij zette hem op zijn eigen rijdier en bracht hem naar een logement, waar hij voor hem zorgde. 35 De volgende morgen gaf hij twee denarie aan de eigenaar en zei: “Zorg voor hem, en als u meer kosten moet maken, zal ik u die op mijn terugreis vergoeden.”

De barmhartige Samaritaan hielp, maar daarvoor was iets nodig, dat blijkt ook al uit dit Bijbelverhaal. We kunnen wel hulp willen bieden, maar zonder geld bereik je in veel gevallen vrij weinig. Dat is een stelling die ik ook vandaag de dag bevestigend zou beantwoorden. Natuurlijk kunnen we met zijn allen naar een arm land reizen om daar onderwijs te geven, eten uit te delen of ziekenhuizen te bouwen. Maar voor al deze zaken is toch geld nodig. Geld om naar het land te vliegen, geld voor bouwmaterialen, geld voor voedsel, etc. Kort gezegd: er is vrijwel altijd geld nodig om iets substantieels voor een ander te kunnen betekenen.

Op basis van de hierboven gebruikte Bijbeltekst, lijkt het er bovendien op dat het hebben en inzetten van dat geld geen probleem vormt. Toch is het gebruikelijker dat men denkt dat geld en geloof niet goed samen gaan, specifiek met het oog op het maken van winst. Teksten als Lucas 12:16-34 en Lucas 16:16-25 worden daarbij aangehaald. Dat zijn beide gelijkenissen waarbij Jezus spreekt over de combinatie van rijkdom en een leven voor God. In Lucas 12 staat onder meer:

Maar God zei tegen hem: “Dwaas, nog deze nacht zal je leven van je worden teruggevorderd. Voor wie zijn dan de schatten die je hebt opgeslagen?” 21 Zo vergaat het iemand die schatten verzamelt voor zichzelf, maar niet rijk is bij God.’

Gaf Jezus hiermee inderdaad aan dat het vergaren van winst en economische voorspoed niet past bij een Christelijk leven? Of zou hij iets anders kunnen hebben bedoeld, wat winstgevend werk voor Christenen geen probleem zou maken? Lees mijn hypothese hier.

 

Jantine Huisman
Jantine Huisman is afgestudeerd godsdienstwetenschapper op het gebied van de abrahmitische religies, masterstudent pedagogiek en doopsgezind lekenpreker. Haar interesses liggen op de kruising van gedragsmaatschappijwetenschappen en godsdienst, zoals het onderwijs aan de eerste christenen, identiteitsvorming door het nieuwe testament, en trauma-educatie vanuit klaagliederen.
0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *