Advent

‘Advent’: het is een beetje een vreemd woord. Het heeft te maken met het oude verhaal van de komst van Jezus eind december. In de kerkelijke liturgie kom je nog regelmatig oude Latijnse begrippen tegen, het Latijn was niet voor niets vele eeuwen lang de voertaal in de kerk.

Men ontwikkelde al vroeg een eigen kerkelijke kalender, met mooie Latijnse namen voor iedere zondag en iedere periode, en daar hoort ook een voorbereidingstijd bij voor het eerste feest van het kerkelijk jaar, de kerst. Dat is advent, van ‘advenire’ – ‘naderen’, of ‘adventus’ – ‘komst’. We steken iedere zondag in december een kaars extra aan, om zo symbolisch aan te geven dat het licht steeds sterker wordt, tot met kerst alle kaarsen branden en de verhalen weer verteld kunnen gaan worden: Jozef en Maria in de stal, de geboorte van Jezus, de herders op het veld. Ik geniet er elk jaar opnieuw van. Waarom zijn die eerste getuigen eigenlijk uitgerekend herders? Misschien wel, omdat ze een zorgend beroep hebben. Of je nu voor mensen zorgt of voor schapen: zorgen is een levenshouding, waarbij je je in mag leven in anderen en zien wat ze nodig hebben. Het levert nog altijd weinig status op, je verdient er ook geen grote salarissen mee, maar toch is zorgen voor de wereld om je heen misschien wel de mooiste taak die een mens kan hebben. Daarbij hoef je jezelf niet over te slaan, integendeel. Een mens mag ook best goed voor zichzelf zorgen. Als je het allemaal doet uit liefde, dan komt het licht vanzelf steeds dichterbij. Een goede advent!

Rini Rikkert
0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *