Aanwezig zijn met mededogen

Als we het over presentie hebben, dan hebben we het over menslievende zorg. De huidige zorg is misschien wel gericht op menslievendheid, het is de vraag of die uit de verf komt. De zorg is de laatste twintig jaar door tal van vernieuwingsprocessen heengegaan. Professionalisering, bureaucratisering, managementsystemen, schaalvergrotingen bedreigen soms de menslievendheid. Presentie wil daarop een antwoord geven en weer naar boven halen waar het in de zorg eigenlijk om te doen zou moeten zijn.

Prof. Dr. Andries Baart bekleedt de leerstoel Presentie en Zorg aan de Faculteit Geesteswetenschappen aan de Universiteit van Tilburg. Hij is de geestelijk vader van de presentietheorie. Hij doet ondermeer onderzoek naar buurtpastoraat, geestelijke verzorging en zorg, met name voor kwetsbare mensen. ‘Ik ben de geestelijk vader van de theorie, de praktijd deden mensen al jaren, dat zijn de werkers in het veld. Ik heb het opgeschreven.’

Presentie is een woord dat staat voor aanwezigheid en betrokkenheid van hulpverleners in de zorg, van de kerk in de stad. Enkele maanden geleden verscheen in Enschede een Diaconale krant, waarin de Enschedese kerken lieten zien hoe ze aanwezig zijn in de samenleving: het Huis van Verhalen in Roombeek, de voedselbank, het pastoraal inloophuis, de oecumenische werkgroep de Wonne, waarin mensen in knelsituaties op verhaal kunnen komen en de Timon woongroepen voor jongeren die het moeilijk vinden om zelfstandig te leven. Ds Evert Jan Veltman werkte jarenlang als diaconaal predikant in Enschede namens de Protestantse Kerk. Hij vertrekt binnenkort naar Groningen.

Baart heeft in de jaren ’90 bijna 10 jaar lang onderzoek gedaan naar pastores in achterstandswijken, waaronder Veltman. ‘Die pastores deden alles anders dan wat wij onderwezen op universiteiten en Hbo-instellingen: het aangaan van relaties, het afsluiten van contacten, achter mensen aan gaan. Het oogde los, alledaags, vriendelijk, lief, maar weinig professioneel. Als deze mensen op handen worden gedragen, wat doen ze dan eigenlijk?’ Baart kroop jaren lang achter aan, schreef op wat ze deden en las hun dagboeken. Het ging hem niet om de vraag wat die mensen in die achterstandswijken mankeerden. ‘Dat wisten we wel, die zijn verslaafd, die zijn arm, die zijn slecht gehuisvest etc. Maar wat doet een goede zorgverlener in zo’n context?’.

Toen het boek eenmaal uit was werd, wat er in het boek staat, vooral herkend door niet-pastores. In het maatschappelijk werk, in de jeugdhulpverlening, in de zorg voor mensen met een verstandelijke beperking, in de zorg voor mensen met een psychiatrische achtergrond, in de palliatieve zorg kwamen veel mensen op het boek af en die zeiden wat daar beschreven staat is goede zorg, dat is wat we moeten hebben.

Baart erkent dat veel kritiek op de werker in de zorg onterecht is. ‘Hij/ zij is het product van bestuurders in de zorg, van krachten in de politiek gestuurd, van stromen in de financiering, van het duwen van managers. Ik heb geen behoefte om tegen deze mens te zeggen dat het een onhandige kluns is. Ook managers worden te vaak geknuppeld.’
Presentie, aanwezigheid in de zorg door hulpverleners, gaat over goede, aandachtige zorgverlening. Er worden in de samenleving tal van klachten gehoord over dominees, artsen, verpleegkundigen die lijken op ‘de man die ’s zondags het vlees komt snijden.’

Maar is het niet voldoende dat je als zorg- of hulpverlener van mensen houdt? ‘Nee, je hebt aanwezige vaders in een gezin en niet aanwezige. En… ook een stalker houdt enorm van mensen. Nee, aanwezig zijn als betrokken zorgverlener is een professionele aangelegenheid. Je gaat om met andere mensen, met hun levens en hun verlangens en hun verdriet, knoeiwerk past daar niet. Dus wel professioneel, maar niet koud. Wel professioneel, maar niet distant. Je moet zorgen dat je zo professioneel bent dat je dichtbij kunt komen zonder dat met je vingers tussen het wiel komt. De kerkenraad moet de aanwezigheid van een dominee niet willen uitdrukken in zorgminuten…. Maar de pastor die aan presentie doet, moet pastor blijven. Als een pastor wel aan presentie zou doen, maar niet meer aan pastoraat zou dat slecht zijn.’

‘Zo vind ik ook dat in goede professionele vaardigheden mededogen hoort. Je moet inderdaad ook mededogend zijn. Dat betekent dat je inderdaad weet wat het is voor een ander om aan iets te lijden. De oudere mens wordt niet gezien als een kwetsbaar mens, maar als een klant die zorg inkoopt, al dan niet met een persoonsgebonden budget, die zit op de bok van zijn eigen leven en die knalt met de zweep en die regisseert zichzelf. Niks is minder waar. Mensen van 85 zijn kwetsbare mensen, die vaak helemaal niet in staat zijn om aan zelfregie te doen enz. Die zouden erkend moeten worden in hun kwetsbaarheid.’

Is presentie het model voor de toekomst voor de verschillende vormen van zorg? ‘Dat zou pretentieus zijn. Presentie staat momenteel voor een correctie in de zorg en die correctie is de eerstkomende vijftien jaar nog niet voltooid is. Gelukkig zijn er steeds meer ziekenhuizen in Nederland, die presente ziekenhuizen willen worden. Goede zorg heeft toekomst. In ieder geval niet teruggaan naar de jaren zestig. Kijk maar vooruit en laat maar zien hoe goed zorg kan zijn. Ik ben nu 56. Over een jaar of 20 ben ik er totaal aan uitgeleverd en dan hoop ik dat ik kan denken: nou, het is beter dan toen ik nog een jong ding was.’

Andries Baart, Een theorie van de presentie, Uitgeverij Lemma, (2004), ISBN: 90-5931-321-6

Afbeelding: Schilderij van Elisabeth Heuff-Kuylaars
Foto: Rinus van Warven
Bron: Tubantia

Rinus van Warven
0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *