Herfst, foto: Lukasz Szmigiel via Unsplash

Herbsttag en het afscheid van de zomer

De zomer sterft en de herfst is hier, een seizoensovergang die velen doet laten mijmeren. Bianca liet zich inspireren door het toepasselijke gedicht Herbsttag en schreef een poëtische column.

De boom in het park waaronder ik die late zomermiddag in september wat lig te slapen, heeft besloten zachtjes te ruisen. De kruin ritselt als de jurk van een bruid. Het slootje, vlak naast mij, ligt glinsterend zijn best te doen, het water kabbelt, herinnert me aan bijna voorbij geluid. Tijdens mijn slaap heeft de grasmat wat groen aan de middag gegeven en als ik mij daarin dan omdraai en dromerig naar de wolken kijk, schijnen zij even wapperend wasgoed te zijn en de hemel de lijn.

Omarmen

Ik ga rechtop zitten, merk dat de wind z’n best doet om de regen uit het park te verjagen. De zon schijnt voorzichtig, het is al zo laat in september, eigenlijk zou zij allang ergens anders moeten zijn. Ach, ik weet natuurlijk dat de zomer eerdaags in een bos van kleuren zal sterven, dat geen blad nog aan eigen boom hangt aanstonds, dat de wind op zal staan, dat het licht uit zonnestralen wordt geknepen, dat de dag weldra aan het eind van de middag al door de avond opgedronken wordt.

En dat het dan stil wordt, de vogels gevlogen en de zon geborgen, dat de zomer, koud en door de herfst verslagen, zich aan de tred van de tijd heeft toevertrouwt. En dat ik dan mee moet, daarin, de herfstdag omarmen, dat, zou ik de zomer willen behouden, mijn jeugd, en al waar ik aan hecht, dat ik, wanneer ik de wind zijn waai en plaats niet gun, langzaamaan zelf wordt weggeblazen en op den duur dan niets meer in handen houd.

‘Ik moet voort’, schrijft Paul Verlaine in zijn Chanson d’automne, ‘ik moet voort, waar wind mij voert, mee op zijn pad, van hier naar daar, als was ik maar een najaarsblad’.

Herbsttag

En ik denk aan Rainer Maria Rilke (1875-1926) en aan hoe hij Herbsttag schreef. Het is 1902, juist na een ‘grootse zomer’ zoals de onze van nu. Rilke heeft die zomer doorgebracht in het Duitse Holstein. Kort daarvoor heeft hij zijn huwelijk opgebroken. En waar Verlaine een mensenleven vergelijkt met een najaarsblad, zo vestigt Rilke in Herbsttag de aandacht op de plaats van een mensenleven in de door God bezielde natuur. Zachtjes zeg ik Herbsttag voor me uit, de drie strofen. Er loopt een rilling over mijn rug.

Herr: es ist Zeit. Der Sommer war sehr gro.
Leg deinen Schatten auf die Sonnenuhren,
und auf den Fluren la die Winde los.

Befiehl den letzten Früchten voll zu sein;
gieb ihnen noch zwei südlichere Tage,
dränge sie zur Vollendung hin und jage
die letzte Süe in den schweren Wein.

Wer jetzt kein Haus hat, baut sich keines mehr.
Wer jetzt allein ist, wird es lange bleiben,
wird wachen, lesen, lange Briefe schreiben
und wird in den Alleen hin und her
unruhig wandern, wenn die Blätter treiben.

Afscheid

‘Wie nu geen huis heeft’. Waar er, in de eerste twee strofen, nog sprake is van een trotse rijpheid, plotseling heeft de zomer zichzelf voldragen, de tijd is om, de bladeren sterven, er is een omslag, de kou treedt in, wat rest ben jij. Je wandelt buiten in de lanen, je bent gelukkig en treurig, tezelfdertijd.

Ik sta op, sla het gras van mijn kleren. Ik kijk naar de zomer. Het afscheid stemt me wat treurig, maar het stelt me gerust dat ik weet dat de zomer naar mij terug zal keren, en dat zij na haar vertrek van hier ergens anders, voor anderen verder leeft.

Bianca Hiemcke Schriek
Bianca is musicus, schrijver, programmamaker en coach. Ze is directeur van RrOOD, een groep filosofen, musici, bedrijfskundigen, acteurs en wetenschappers die de bezem door de Nederlandse workshop halen. Zij schrijft korte verhalen voor Mantra, Straatnieuws Den Haag en Straatnieuws Rotterdam. In haar coachingspraktijk werkt zij met cliënten die orde willen scheppen in het eigen bestaan.
0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *